Talenassortiment
                        Change the color of the site
 
Laatste nieuws:
Log in
Onthoud mij:
Het laatste kwartiertje

Navigatie a-z
 
 
 
Studiehuis Resort of Security Roemeni Informatiescherm
Uw naam:
Uw emailadres:
Uw vriends naam:
Uw vriends emailadres:
Uw bericht
Auteur: Reporter
Creer datum:
2-03-2019 18:45:43
Geloofszaken
Een nieuwe serie artikelen
Auteur: Reporter Creer datum: 2-03-2019 18:48:08
HHJO-conferentie: „Wees niet te kritisch op de preek”

Kerkgangers mogen wel kritiek hebben op preken, maar ze moeten tijdens de kerkdienst niet t kritisch zijn. Want dat neemt de zegen weg, vindt ds. F. van Binsbergen.

De hersteld hervormde predikant uit Schoonrewoerd sprak zaterdagmorgen tijdens een Bijbelstudieconferentie (18+) van de Hersteld Hervormde Jongeren Organisatie (HHJO). Tijdens de driedaagse bijeenkomst in Het Buitencentrum te Oldebroek stond de brief van Paulus aan Efeze centraal.

Op vrijdagavond ging ds. H. Verheul, emeritus predikant te Woudenberg, in op Efeze 1. Ds. Van Binsbergen nam Efeze 4:1-16 voor zijn rekening. Het thema was: ”Geroepen tot een waardige levenswandel”.

De predikant begon met de vraag: „Ben jij in balans?” Hij vervolgde: „Als je geroepen bent door de Heere, blijkt uit je levenswandel of je in balans bent. Zij die weten van een ommekeer in hun leven, gaan niet via een zevenbaans snelweg naar de heerlijkheid. Het is een weg van veel strijd. Wie in Christus is, zal vrucht dragen maar dat gaat niet vanzelf. Het komt aan op gehoorzaamheid. Als er geen werken zijn, is er geen geloof.”

In lijn met Efeze 4 wees hij op enkele van die vruchten: ootmoedigheid, zachtmoedigheid en lankmoedigheid. „Dat zijn geen karaktereigenschappen die je van jezelf hebt. Iedere christen die niet iets van ootmoed heeft, is geen ware christen. Hoe driftig je ook bent, er is ootmoed als je genade ontvangen hebt.”

Als voorbeeld noemde hij Mozes, die uit zichzelf niet zo ootmoedig was en soms driftig kon worden. Maar die wel voor zijn volk in de bres sprong toen God er niet meer mee verder wilde.

Ds. Van Binsbergen noemde ook geduld en verdraagzaamheid, „iets waar veel gemeenten behoefte aan hebben.”

Het kan moeilijk zijn, erkende de predikant. „Soms is het lastiger om het eens te zijn met mensen die dicht bij je staan dan met anderen die verder weg staan. Er moet worden geofferd. We moeten elkaar verdragen in liefde.”

Vrede is volgens de Schoonrewoerdse predikant ook zo’n woord. „Als er geen vrede is, vindt het Woord maar moeilijk doorgang. Hoe kun je dan zingen: „Waar liefde woont, gebiedt de Heere de zegen”? De Heere werkt waar vrede is.”

In dat verband maakte hij een opmerking over het bekritiseren van preken na de kerkdienst. „Wees voorzichtig met commentaar op een geroepen predikant. Je moet het woord dat gepreekt wordt, nemen als het Woord van de Heere. Durf je dan te zeggen dat je je schoenen er niet voor zou aandoen?”

Naar aanleiding van een vraag ging hij er tijdens de bespreking verder op in. „Je zit in de eerste plaats in de kerk omdat de Heere je Zijn woord geeft. Het is gemakkelijk om altijd wat op een predikant aan te merken te hebben. Dat kan de rust en de zegen wegnemen.”

Ds. Van Binsbergen stelde dat de kritiek vaak om bijkomstigheden gaat. Het is ook mogelijk dat een predikant juist een bepaalde kant van de zaak belicht om een gemeente in het rechte spoor te krijgen. Bovendien kan de Geest „vaardig zijn” terwijl het om een „exegetisch minder goede” preek gaat.

Als een preek niet naar de Schrift is, wordt het anders. Predikanten mogen niet zeggen: „Het staat er wel maar Gods volk leert het anders”, aldus ds. Van Binsbergen.

Hij vindt dat jongeren de predikant mogen aanspreken als hij echt niet naar het Woord preekt. „De dienaar van het Woord past bescheidenheid en moet het boetekleed aantrekken als hij fout is.”

Reformatorisch Dagblad 2-3-19
Auteur: Reporter Creer datum: 9-03-2019 20:09:13

Kerkverlater keert terug


Mirjam Roukema

Als het grote gebed begon, legden hij en zijn vrienden steevast hun hoofd op de bank voor hen. Om te slapen tot de dominee „Amen” zei. Jacob Ordelman (35) trok al voor zijn achttiende de kerkdeur achter zich dicht. Door een „Godswonder” is hij terug.

Van huis uit is Ordelman, werkzaam als ICT-manager, met het christelijk geloof grootgebracht. Hij groeit op in Veenendaal, gaat naar de gereformeerde gemeente en naar reformatorische scholen. Al jong loopt hij tegen de grenzen aan die zijn ouders hem vanuit hun geloofsovertuiging stellen. „Toen ik een jaar of negen was, wilde ik graag op voetbal. Dat mocht niet van mijn ouders, omdat er te veel gevloekt werd op het veld. Terwijl voetbal de passie van mijn leven was. Ik vroeg me af: waarom mag ik niet op voetbal en mijn vriendje wel?”

Op het voortgezet onderwijs gaat Ordelman naar eigen zeggen „steeds meer dingen van de wereld” zien. Jongens uit zijn klas houden zich wl bezig met sporten. Hij gaat erin mee. De kerk doet hem dan al niks meer. „Ik ging er niet met plezier naartoe, was altijd blij wanneer het amen klonk.”

Ook in de catechisatie, die Ordelman jarenlang volgt, komt geleidelijk aan de klad. „Tot mijn zestiende heb ik catechisatie gevolgd, maar ik was niet trouw. Op een gegeven moment bleef ik thuis of fietste ik door. Later ging ik helemaal niet meer.”

Het levert hem thuis weinig discussie op. „Die keuzes gaan heel geleidelijk. Mijn ouders waarschuwden me wel, maar echte discussie hebben we niet gehad.” Hoewel zijn ouders altijd bij de kerk zijn gebleven, hebben zijn vier broers niets met het geloof. „Hen zag ik als voorbeelden.”

Als hij zestien is, staat hij voor het eerst in de kroeg. Een plek waar zijn broers ook geregeld komen. „Ik vond daar gezelligheid en vrienden. Die vond ik in de kerk niet. Ik heb nooit op de jeugdvereniging gezeten. Ik denk dat die verenigingen belangrijk zijn om met mensen uit de kerk een band te krijgen.” Behalve in de kroeg is Ordelman ook geregeld op het voetbalveld te vinden.

Tattoos

Afglijden begint volgens Ordelman vaak al in het gezin. „Ik denk dat eenheid in het gezin heel belangrijk is. Vader en moeder moeten samen achter het geloof staan.” Zijn moeder is volgens hem „een veranderde vrouw.” „Ze toont liefde voor iedereen, met wie ik ook thuiskwam. Soms waren dat bijzondere types. Het maakte voor haar niet uit of iemand in pak langskwam of met tattoos en in cowboylaarzen. Ze ziet iedereen als mens en toont daar respect en liefde voor.”

Toch is dat voor Ordelman geen reden om bij de kerk te blijven. „Als ik naar het leven van mijn moeder keek, dacht ik: zo’n leven wil ik niet. In de wereld zag ik veel meer dingen die direct tastbaar waren: het leven van feesten, drank en vrouwen. Zo’n leven kan in de kerk niet.”

Ook al komt hij nog zelden in een kerkdienst, diep vanbinnen weet hij dat wat daar verteld werd, waar is. „Dat is het gekke: ik heb nooit wat tegen de kerk gehad. Maar ik wilde het gewoon niet. Ik maakte heel bewust de keuze om te genieten van het leven en niet naar de regels van de kerk en de Bijbel te leven.”

Het geloof laat hij naar eigen zeggen „nooit helemaal los.” „Ik bleef hoe dan ook in God geloven en ben altijd blijven bidden. Hoe dronken ik ook thuis kwam uit de kroeg, ik kon niet gaan slapen zonder te bidden. Zelfs als ik zondagavond uit het stadion thuiskwam na een voetbalwedstrijd, ging ik bidden. Toen ik eens om half vier thuis was op een nacht, kwam mijn moeder naar boven. Die wilde me vertellen dat het zo echt niet kon. Toen ze de deur opendeed, zag ze me bidden. Toen heeft ze niks meer gezegd, is omgedraaid en weggelopen.”

Met het leiden van twee levens naast elkaar voelt Ordelman zich „hypocriet.” Waarom deed hij het dan? „Ik hoopte al die tijd dat ik bekeerd zou worden. Ik dacht: als God me nou gewoon bekeert, weet ik zeker dat ik dat andere allemaal niet meer wil. Eigenlijk wachtte ik op een Paulus-bekering: van het ene op het andere moment. Maar die kwam niet.”

Tot een ochtend die hij nooit zal vergeten. Ordelman doet zoals altijd de koelkast open om de door zijn moeder gesmeerde boterhammen te pakken. Op dat moment schiet er een tekst door zijn hoofd. „Dat was „Maar blij vooruitzicht dat mij streelt.” Heel bizar.” Na werktijd wil hij opzoeken waar de tekst staat, maar hij is die vergeten.

Zo gaat dat de volgende dag ook. De derde dag komt de tekst pas weer in zijn herinnering als hij naar buiten stapt. Dit keer onthoudt hij hem wel en zoekt hem op.

De gebeurtenis maakt grote indruk op Ordelman. „Het moest wel van God zijn, ik kende de tekst niet en was al helemaal niet met het geloof bezig. Toen ben ik rigoureus omgedraaid en heb met alles gebroken. Ik nam afscheid van vrienden, voetbal, de kroeg.”

Voor het eerst sinds jaren zit Ordelman weer in de gereformeerde gemeente in Veenendaal. Vooral zijn moeder is daar erg blij mee. „Wat de gemeente ervan vindt, weet ik niet. Mensen zagen me natuurlijk wel ineens terugkomen. Maar ik heb er weinig reacties op gehad.”

Een jaar lang gaat het goed met Ordelman. Dan glijdt hij weer langzaam af. „Al die tijd hield ik toch aan de wereld vast. Ik keek zondag bijvoorbeeld geen sport meer, maar zaterdagavond en de rest van de week wel. Op een gegeven moment vroeg ik me af: Wat betekent dit geloof nu eigenlijk nog voor mij? Ik belde vrijdagavond mijn broertje en vroeg hem waar hij zat. In de kroeg, zei hij. Ik zei: Ik kom eraan.”

Ommekeer

Zo belandt Ordelman opnieuw in de wereld van voetbal, sport kijken en de kroeg. Waren de woorden uit de Psalmregel dan toch niet krachtig genoeg geweest? „Toen ik net weer terug was bij de kerk, was ik er heel erg mee bezig. Als ik van de kerk naar huis fietste, zong ik in mijn hart „En dag is in uw huis mij meer dan duizend waar ik U ontbeer.” Maar ik had niet volledig met de zonde gebroken.”

„De tekst was voor mij een ommekeer. Maar toen ik terugviel, ervoer ik wel dat het klopt dat de duivel terug kan komen met zeven duivelen en het huis nog viezer achterlaat. Alle remmen waren los bij mij. Ik ben veel harder gevallen dan ooit tevoren.”

Dat hij nu weer aangesloten is bij de gereformeerde gemeente in Veenendaal, noemt Ordelman een „Godswonder.” Anders dan de radicale omkeer die hij een aantal jaren eerder had, ging de tweede terugkeer geleidelijk. Na het eindigen van een relatie –hij is dan 33– gaat hij nadenken over zijn leven. „Het geloof bleef maar in mijn hoofd zitten. Ik had er geen zin in, maar ik wist dat het morgen te laat kon zijn. In die relatie dacht ik al vaak na over kinderen, maar ik durfde daarvoor niet de verantwoordelijkheid te nemen als ik ze niet in het geloof op zou kunnen voeden.”

Van de kerk mist hij in zijn beleving op dat moment „niks.” „Niet de gemeenschap, de verbondenheid of de mogelijkheid om nieuwe contacten op te doen. De enige reden waarom ik terug ben gekomen, is omdat ik wedergeboorte zocht. Ik heb een Borg, de Heere Jezus Christus, nodig. Dat is nog steeds wat mij drijft.”

In mei 2018 doet Ordelman belijdenis van het geloof. Nadat hij schuldbelijdenis heeft gedaan – voor alle geboden. „Ik wilde dat graag doen, voor God en voor de mensen. Ik kon niet schuldbelijdenis doen voor n gebod; ik had ze allemaal overtreden.”

Strijd

Dagelijks kampt de ICT-manager met strijd. Sport heeft nog steeds een sterke aantrekkingskracht op hem. Omdat hij wil voorkomen dat hij er weer volledig in opgaat, leest hij alleen het Reformatorisch Dagblad op zijn telefoon, geen andere media. „Ik ben tot op de dag van vandaag bang dat ik terugval. Je kunt iemand wel uit de wereld halen, maar haal de wereld maar eens uit de mens. Het gebed is hierin dagelijks nodig. Gelukkig zijn er mensen die voor mij bidden.”

Zijn broers vinden de overstap moeilijk. Alleen de oudste was bij de belijdenisdienst; met een van zijn broers kan Ordelman echt niet over het geloof praten. Hun levens zijn erg verschillend. „Zaterdag ga ik met mijn broers bowlen en daarna eten. Vervolgens gaan zij de kroeg in, ik niet. Met mijn oudste broer had ik het altijd over sport. Dat kan nu ook niet meer. Ik ben een groep vrienden kwijtgeraakt. Maar dat is het me wel waard.”

Had hij minder snel afscheid van de kerk genomen als hij daar meer contacten had? „Misschien wel. Als ik op de jeugdvereniging vrienden had gehad, zou ik voorbeelden hebben gezien van mensen die leven in de wereld van het geloof. Maar ik denk dat het al te laat is als de kerk ziet dat iemand afdwaalt. Dat begint al in het gezin. Wel had de kerk kunnen zien dat het ons als 15-jarige jongens weinig deed. Daar hadden gemeenteleden of kerkenraadsleden op kunnen anticiperen.”

Wel is hij lovend over de reactie van de kerkenraad en de predikant bij zijn tweede terugkeer. „Ze stonden altijd open voor een gesprek. Vanuit de liefde hebben ze me bijgestaan met advies. Ik denk dat openheid van ambtsdragers heel belangrijk is voor twijfelaars en terugkeerders.”

Nu hij weer in de kerk komt, ziet hij om zich heen jongens die net als hijzelf niet genteresseerd lijken in het geloof. „Bedenk je nu het nog kan, zou ik hun willen zeggen. Ik mag en kan zeggen dat de vreugde die ik zocht in de wereld in schril contrast staat met de vreugde die er in God te vinden is. De keuzes die je nu maakt, kunnen keuzes zijn voor de eeuwigheid. En blijf altijd bidden, hoe hypocriet je ook bent. Dat is het belangrijkst wat ik iedereen mee wil geven die de kerk verlaat. Als je dan toch je eigen weg gaat, blijf altijd bidden.”

Reformatorisch Dagblad 9-03-19
Auteur: Reporter Creer datum: 27-04-2019 18:29:04
door Dick van den Bos
In deze Syrische stad die in handen was van IS, vinden Koerdische moslims nu Jezus

De Syrische stad Kobani, gelegen aan de zuidelijke grens van Turkije, was vijf maanden lang in bezit van IS. Het grootste deel van de stad werd verwoest en duizenden mensen vluchtten naar Turkije. Dat schrijft GodReports.

Amerikaanse luchtaanvallen en de gevechten van Koerden zorgden er uiteindelijk voor dat de militanten hun grip op het gebied verloren.

Geschenk

Een van de resultaten van het IS-geweld was wel dat veel mensen de islam gingen heroverwegen. "IS heeft de grootste gunst ooit geschonken aan het christendom", zegt Brother Rachid op de onderstaande video. "Er zijn een enorme groep Koerden tot geloof in Christus gekomen."



"Koerden zijn meestal geen hele radicale moslims, maar in Kobani waren zij het meest radicaal. IS omsingelde Kobani al maanden en men vernietigde bijna de hele stad", merkt hij op.

Toen deed God iets heel bijzonders. "Kobani heeft nu een kerk. Het is de eerste evangelische kerk, die afgelopen jaar opende. Een prachtig teken van Gods opstandingskracht, die herrijst uit het as. Dit had normaal gesproken nooit kunnen gebeuren, zelfs niet in onze dromen. Maar door de aanvallen van IS is er veel veranderd."

Broeder Rachid getuigt van een beweging van God onder de Koerden. "Ik ken families in Kobani die tot de Heer gekomen zijn. Ik ontmoette zojuist een familie van veertien mensen die tot de Heer gekomen is - allemaal tegelijk. Toen ik de Koerden vroeg wat hen deed veranderen, zeiden ze: 'IS opende onze ogen.'"

Toen ze de dood en vernietiging zagen die de radicale islam veroorzaakte, dachten ze opnieuw na over hun geloof. "Islam in theorie is anders dan de islam in de praktijk", zegt Rachid. "Als je 'dood de ongelovigen' leest, dan is dat slechts een zin, maar wanneer je het bloed op de grond ziet voor je ogen, dan verandert dat je houding."

Versneld tempo

"De Heer gebruikt alle omstandigheden om mensen tot geloof te brengen", zegt hij. "Het groeit nog steeds, in versneld tempo. De aantallen zijn enorm. Er zijn in de kerk nu twintig families, zo'n 80 tot 100 mensen samen die Jezus aanbidden in de kerk."

Een van de bekeerlingen is Maxim Ahmed (22). Hij vertelt: "Ze leken blij te zijn in de kerk en ze praatten over liefde. Dat zorgde ervoor dat ik het onderwijs van Jezus ging volgen. Ik heb verschillende vrienden en familieleden die binnenkort ook komen kijken in deze kerk."

CIP 24-04-19
Auteur: Reporter Creer datum: 4-06-2019 20:49:43

Moslims kunnen onze vrienden zijn, maar de islam nooit

Dr. R. Seldenrijk en ing. B. Noteboom MCM


De naam Palestina komt van de Filistijnen. De hidige Palestijnse bevolking is echter goeddeels Arabisch en heeft geen verwantschap met de Filistijnen. In de Koran komt Palestina niet voor, terwijl Isral er 44 keer in wordt genoemd. Om de Joodse/Bijbelse herinnering uit te wissen, noemden de Romeinen het land Palestina. De islamitische wereld en de Volkenbond (VN) spraken over ”Zuid-Syrirs”. Tot de jaren zeventig van de vorige eeuw.

Met een geweldige draai gingen de Palestijnse Arabieren zich begin jaren zestig opeens ”Palestijnen” noemen. Een bedenksel van de Russische Geheime Dienst (KGB). De Arabieren wilden Isral vernietigen, maar de KGB wist destijds dat je daarmee in het Westen niet populair werd. Politiek links is echter voorstander van ”bevrijdingsbewegingen”. Dus klonk het: „Herover Palestina.” Dit ging nadrukkelijk nit over Gaza en de Westoever. Die waren indertijd bezet door Egypte en Jordani. Nee, het ging (en gaat) om de vernietiging van Isral.

In 1922 kreeg Jordani (door toedoen van onder anderen Winston Churchill) 76,9 procent van het Mandaatgebied Palestina, terwijl dat in 1917 aan Isral als ”Joods huis” was toegezegd. Jordani werd het ”Arabisch huis”. Er bestonden dus geen Palestijnen en geen Palestijns volk, maar Arabische naties in Jordani, Syri en Libanon. ”Palestina” is een politieke move. Uiteraard mogen mensen zich Palestijn noemen, al is deze benaming recent (door Moskou) bedacht. Ze hebben rechten, maar niet zonder en ten koste van Isral.



Islam

Het is een Palestijnse fabel dat christenen het in Isral slecht hebben. Arabieren verwijten Isral wat juist in hn landen voorkomt. In het Midden-Oosten is er slechts n land waar christenen niet alleen niet worden vervolgd, maar ook wettelijke vrijheid en veiligheid bezitten, en dat is Isral.

Juist binnen het autonome Palestijnse zelfbestuur (PA) hebben christenen het moeilijk, door moslimgeweld. Het pleidooi voor liefdevolle verhoudingen tussen christendom en islam berust op een mythe. De islam is namelijk een collectieve vijand van Joden en christenen. Natuurlijk kunnen moslims onze vrienden zijn, maar de islam nooit. Die vriendschappen zullen de islam nooit veranderen. Van een islam zonder fundamentalisme kun je alleen dromen.

Bij gebiedsuitbreiding van de islam hebben niet-moslims fundamenteel drie keuzes. Ze kunnen de islam accepteren en moslim worden. Ze kunnen dat ook weigeren, met alle (dodelijke) risico’s van dien, of in een gunstig geval kiezen voor ”dhimmitude” (onderworpenheid). Kritiek op de islam ontneemt je alle rechten.

De Zimbabwaanse zendeling dr. Peter Hammond beschrijft wat er historisch tot nu toe altijd en overal gebeurt als een land, regio of continent vanaf 5 procent moslims wordt overgenomen door de islam.

In 1947 was 85 procent van de bevolking van Bethlehem christen, nu minder dan 5 procent. Bethlehem staat onder PA-bestuur en kent officieel zelfs vrijheid van godsdienst. In de praktijk werkt de PA christenen echter tegen, waardoor veel christenen wegtrekken. In Gaza is het aantal christenen eveneens gedecimeerd. We zien dit verschijnsel in alle islamitische landen. Wereldwijd zijn er de laatste 25 jaar miljoenen christenen vermoord!

Palestijnse christenen zijn geen homogene groep. Zij behoren tot veel verschillende kerkgenootschappen en hebben geen eenduidige theologische visie. Wat velen bindt, is de weerzin tegen het Oude Testament. Daarom vindt door Palestijnse theologen vertekening van de Bijbel plaats. Ds. Kees Kant schreef hierover een onthutsend boek: ”Van Eisenach naar Bethlehem”.

Het is een kleine stap van de genoemde ”bevrijdingsbewegingen” naar de Palestijns-christelijke ”bevrijdingstheologie: geweldloosheid, vrede, gerechtigheid en verzoening.” Palestijnse christenen zijn daarin slachtoffer van een immoreel, alles verwoestend Isral. Palestina moet daarom geheel worden ontjoodst. Oude, antisemitische wijn van de zogenaamde ”Deutsche Christen” en hun nazitheologie van vr de oorlog in nieuwe, Palestijnse zakken.


Oudtestamentische zegen

Calvijn had juist hoge achting voor het Oude Testament en de eenheid van het Oude en Nieuwe Testament. We moeten het Nieuwe Testament lezen door de bril van het Oude. Het Oude Testament is een deel van de weg van God met Isral en de volken. Dit mondt uit in het Nieuwe, een ander deel van die ene weg. Het gaat vandaag nog steeds om de eeuwige trouw van God en de volkomenheid van Gods Koninkrijk. Wat een zegen als we in onze tijd zien dat profetien werkelijkheid worden... Wat te denken van de priesterlijke zegen in Numeri 6: „De Heere zegene u...”

We moeten bedachtzaam zijn als slangen en oprecht als duiven (Matthes 10:16). Jezus leerde een kort reisgebed voor zondaren. Daarin bidden we voor onszelf en allen die worden vervolgd of misleid: leid ons en hen nit in verzoeking en verlos hen en ons van de boze. Dat is bidden om de doorbraak van Gods Koninkrijk.

Joden en christenen staan wereldwijd onder druk, ook in de ”Palestijnse gebieden”. Maar wees voorzichtig met het klakkeloos steunen van ”Palestijnse” christenen, die Jezus losmaken van Zijn volk.

Dr. R. Seldenrijk doceerde ethiek; ing B. Noteboom is directeur-grootaandeelhouder en mediator.

Reformatorisch Dagblad 04-06-19
Auteur: Reporter Creer datum: 22-06-2019 20:53:43

Zeister zendingsdag CGK: Geroepen om te getuigen

Jezus ging naar het land van de Gadarenen met een bedoeling, aldus ds. K. Hoefnagel. „Hij moest daar een van de duivel bezetene tot zendeling maken.”

De christelijke gereformeerde emeritus predikant sprak zaterdag in Zeist op de jaarlijkse zendingsdag van de classis Utrecht van de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK). Het thema van de zendingsdag was ”Geroepen om te getuigen”.

Ds. Hoefnagel sprak voor ruim 200 aanwezigen naar aanleiding van Markus 5:14-20 over de geschiedenis van de bezetene van Gadara. „De route die Christus’ Vader bepaald had, leidde naar Gadara. Zo bepaalt Hij ook de route die zendingswerkers vandaag moeten gaan”, zei ds. Hoefnagel.

Geroepen

In het door Joden verachte Gadara leefde een man met een onreine geest, schetste de emeritus predikant. Hij was door de duivel bezeten. Iedereen was bang voor hem, maar Jezus niet. Hij is niet bang voor de duivel, maar de duivel is bang voor Hem. Jezus drijft de duivel uit. Zo werd de bezetene van Gadara verlost uit de klauwen van satan. Jezus maakte de bezetene tot volgeling, geroepen om te getuigen.

„De verloste man werd door Jezus tot zendeling geroepen. Hij mocht niet met Jezus mee. Hij moest achterblijven en kreeg de boodschap om naar zijn huis te gaan en de zijnen te verkondigen welke grote dingen de Heere gedaan had. Hoe Hij zich over hem ontfermd had. Dat is ook de taak van zendingswerkers: Hem te prediken in de context van onze val in Adam”, aldus ds. Hoefnagel.

De van zijn bezetenheid verloste man is als zendeling het land doorgegaan om te spreken van Gods ontfermende liefde. Het resultaat van zijn werk is onbekend. „Maar het gaat de Heere niet om een of twee, maar om alle creaturen”, zei ds. Hoefnagel. „In Hem zal de vrucht groot zijn.”

Afhankelijkheid

De twaalf discipelen werden volgens Markus 6:7-13 geroepen om te getuigen, zei ds. A. C. Uitslag, christelijk gereformeerd predikant te Urk, in zijn lezing. Aan de zending van de discipelen ging de roeping vooraf, stelde ds. Uitslag. Ze werden weggeroepen achter het visnet of het tolhuis. Volgens de Urker predikant waren het niet twaalf willekeurige mensen die geroepen werden. Jezus kende ze en zij kenden Hem.

Markus vertelt dat ze als geroepenen niets hoeven mee te nemen. Veel bagage kan te veel van hun krachten vergen. Ze moeten in afhankelijkheid en vertrouwen op de Heere hun weg gaan. Hij zorgt ervoor dat het hen aan niets zal ontbreken.

Mogen ze dan helemaal niets meenemen? Ds. Uitslag: „Ze gaan twee aan twee. Ze hoeven hun taak niet alleen uit te voeren. Ze mogen schoenzolen aanbinden als teken van de snelle verbreiding van het Evangelie en op hun staf mogen ze leunen of ermee roofdieren wegjagen.”

De staf vergeleek de predikant met het Woord van God dat meegaat. „Het beste gereedschap op je weg.” De geroepenen gaan ook met last en volmacht. Ze krijgen macht om te prediken tot bekering, macht om duivelen uit te werpen en zieken te genezen.

Zending is volgens ds. Uitslag niet gericht op eigen groei maar op het welzijn van de kudde en op het delen van het Evangelie met anderen. Dat Evangelie roept altijd reactie op: f aannemen f afwijzen. „Wie de boodschap afwijst, wijst Christus af.”

Kinderbijbel

Het zendingsverhaal voor de kinderen ging over de 10-jarige Afrikaanse Koemie, die als schoenenpoetser het arme gezin van wat extra inkomsten moest voorzien. Op een dag poetste hij de schoenen van Ellis. Zij vroeg of ze bij hem thuis mocht komen. Ellis zorgde ervoor dat Koemie naar school mocht. Zo kwam hij in aanraking met het Evangelie. In zijn schoenenpoetsdoos zitten nu schoolboeken en een kinderbijbel.

’s Middags vertelde de christelijke gereformeerde predikant ds. D. van Luttikhuizen over zijn evangelisatiewerk in Gent. Ds. J. Hoefnagel (cgk Zeist) opende en sloot de dag. De zendingsdag vond plaats in de Rehobthkerk, het kerkgebouw van de gereformeerde gemeente te Zeist.

Reformatorisch Dagblad 22-06-19
Auteur: Reporter Creer datum: 6-07-2019 17:30:56
Andere kant van gereformeerden op expositie 'Bij ons in de Biblebelt'

De Biblebelt is eigenlijk vooral in het nieuws als het gaat over de lage vaccinatiegraad of het gebrek aan acceptatie van lhbt'ers. De tentoonstelling Bij ons in de Biblebelt in Utrecht wil een andere kant laten zien van de strenggelovige christenen die in deze streek wonen.

In de Bijbelgordel, die grofweg van Zeeland naar Overijssel loopt, wonen vooral gereformeerden. "Van hen hebben we vaak het beeld dat het sombere, ernstige en in het zwart geklede mensen zijn", zegt conservator Tanja Kootte. "De uitdaging was daarom juist om een lichte, zelfs vrolijke zomertentoonstelling te maken."

Predikanten, kerken en SGP-politici komen alleen in de marge voorbij in het Museum Catharijne Convent. Het idee is dat de inwoners van de Biblebelt en hun opvattingen centraal staan. Kootte: "Zij maken toch vaak andere keuzes dan de gemiddelde Nederlander."

'Mensen zien vaak maar n kant'
Dat geldt ook voor de 24-jarige Lianne Verhoek. Ze herkent veel in de fotoseries, portretten van hedendaagse gereformeerden, geluidsfragmenten en filmpjes.

Lianne komt zelf uit Putten, is getrouwd, leeft volgens de Bijbel en draagt vrijwel altijd een rok. In deze video vertelt ze erover:

'Het geloof geeft een doel in mijn leven'
Een rok dragen doet ze deels omdat het traditie is en deels om religieuze redenen. "Het laat zien dat er een verschil is tussen man en vrouw." Over het huwelijk zegt ze: "We zijn gelijk en we doen het samen. Maar als er een echte discussie is, neemt de man uiteindelijk de beslissing."

Dat betekent volgens haar niet dat vrouwen minderwaardig zijn. Mannen zijn nuchterder, vindt Lianne, vrouwen hebben andere kwaliteiten.

De Biblebelt, of Bijbelgordel loopt van Zeeland naar de Kop van Overijssel:


NOS

Op de tentoonstelling Bij ons in de Biblebelt kunnen bezoekers daarom een kijkje nemen in de belevingswereld van orthodoxe christenen, zegt conservator Kootte. "We vonden het belangrijk om hen zelf te laten vertellen over hun levenskeuzes. Ze leven volgens de Bijbel en zoeken in de Bijbel naar een antwoord op hun vragen."

Voor Lianne is haar geloof een houvast. Het geeft haar een doel in het leven en biedt haar rust, vertelt ze. Kritiek op het orthodoxe christendom, zoals onlangs rond het nieuws over de Nashville-verklaring, begrijpt ze. "Maar het is ook de vraag of wij nog de ruimte hebben anders over dingen te denken dan anderen."

NOS 5-7-19
Auteur: Reporter Creer datum: 13-07-2019 17:46:19

Tussen vervolging en vrijheid

Oezbekistan krabbelt langzaam op uit een tijd van vervolging en tegenwerking. Voorgangers juichen de nieuwe ruimte toe die er voor kerken is, dankzij de nieuwe president, die sinds drie jaar aan het roer staat. Vrijheid betekent echter ook meer ruimte voor de islam.

Oezbekistan is een relatief veilig land. Begin jaren negentig zijn er diverse aanslagen geweest, in 2005 ging het feitelijk om de laatste. De nieuwe president Sjavkat Mirzijojev wil het land moderniseren en daar hoort ook meer vrijheid van godsdienst bij. Dat is immers een zaak die in het Westen gevoelig ligt.

oezbekistan
Het document kan niet getoond worden, omdat het mogelijk is dat het cookies plaatst die volgens uw cookie-instellingen niet toegestaan zijn.
Sta alle cookies toe om het document te tonen.
Het land vormt een zelfstandige republiek, onafhankelijk van Rusland (Russische Federatie). Oezbekistan is voor 85 procent islamitisch, maar dat is vooral een volksislam. De stad Urgench, met 160.000 inwoners, heeft bijvoorbeeld naast een grote moskee slechts drie kleine moskeen.

Hier wreekt zich het feit dat de vroegere dictator van Oezbekistan al het religieuze uit het land heeft gebannen. Je ziet dat ook nu het publieke leven nauwelijks gestempeld wordt door de islam. Het dragen van boerka’s is verboden, hoofddoeken zie je zelden.

In de stad Navoiy is slechts de helft van de bevolking overtuigd islamitisch, zegt de baptistische evangelist Arthur Alpajev. „Maar veel Oezbeken houden wel de ramadan en met het Suikerfeest worden ook alle niet-moslims uitgenodigd.”

Hij zegt dat zijn stad bewust seculier wil zijn. „De overheid heeft met succes de fundamentalistische islam weten uit te roeien. De vertegenwoordigers ervan zitten f in de gevangenis f bevinden zich in verafgelegen dorpen.”

Overdag is het niet druk in de moskee van Navoiy. Vijf keer bidden per dag is de plicht van elke moslim. Waarom? „Ik geloof in Allah en daarom bid ik. Verder moet je het maar aan de imam vragen.” Maar die is er even niet, vanwege een begrafenis. Een moslimechtpaar komt dan ook tevergeefs met zijn zieke baby bij hem op bezoek om de zegen van de imam te ontvangen.

Op vrijdag is het wel druk, verzekert de moslim. „Dan komen er tussen de 2000 en 3000 gelovigen en is het hele plein voor de moskee vol. Iedereen neemt dan zijn gebedskleedje mee.”

Iemand uit Tasjkent die onderweg is naar het oosten van Oezbekistan zegt dat je bij het bidden bewust aan God denkt. „Als je het nalaat, mis je de innerlijke kracht voor je geloof in het dagelijks leven.”

Naast de moskee bevindt zich een siergraf van een bekende islamitische heilige uit de zeventiende eeuw. Van groot belang is dit monument, zegt de man, want zo herinner je je de geschiedenis. Hij prijst de huidige regering, die heeft gezorgd voor een opleving van de islam nadat de Sovjet-Unie geprobeerd had deze religie uit te roeien. Er is volgens hem ook bij jongeren steeds meer belangstelling voor de islam.

Even verderop is een speciaal mausoleum gebouwd waarin het lichaam van een islamitische heilige ligt. Deze had in Mekka de wens geuit om daar begraven te worden, maar een bijzondere stem uit de hemel zou hem gezegd hebben dat hij terug moest gaan naar de plaats waar hij vandaan kwam, Navoiy dus. Een bewoner die er vlak naast woont en een oogje in het zeil houdt, zegt dat er in de huidige republiek vrijheid is om je leven zelfstandig in te richten en ook om een bedrijfje te starten.

Aziatisch land

Oezbekistan is een Aziatisch land. Dat is te zien aan de kleur van de bevolking. Etnisch behoort de zelfstandige republiek tot de Turks-Mongoolse cultuur, te onderscheiden van de Perzische. De Oezbeekse taal is dan ook, heel anders dan het Russisch, sterk verwant aan het Turks.

Je ziet in Oezbekistan steeds minder Russen. Zij vertrekken naar Rusland, waar het economisch beter is. Oezbekistan kent een werkloosheidspercentage van dertig procent. Veel Oezbeken werken als gastarbeider in Rusland. Ze zijn soms maanden tot een jaar van huis. De Russen zijn in Oezbekistan vooral vertegenwoordigd in de Russisch-Orthodoxe Kerk en de Rooms-Katholieke Kerk.

In Urgench staat een klein Russisch-orthodox kerkgebouw, het enige in de middelgrote stad. De plaatselijke priester zegt dat zijn kerk „als Abraham in de woestijn” is. „We zijn vreemdelingen”, verklaart hij lachend. Hij meldt dat er een uitstekende relatie is met de overheid. Twee weken eerder was de Russische premier Medvedev nog op bezoek bij de orthodoxe kerk, vertelt hij vol trots.

Situatie kerk

Het aantal christenen in Oezbekistan bedraagt nog geen drie procent, en daarin is alles meegerekend: Russisch-orthodox, rooms-katholiek en protestants/baptistisch. Er zijn veel plaatsen waar gewoon geen kerk aanwezig is.

Volgens Filip Uijl, voorlichter van Stichting Friedensstimme, is de opwekking in Rusland die sinds de jaren negentig (na de val van de Muur) gaande was, voorbij. Maar in Oezbekistan begint die nu pas. „Russen trekken steeds meer weg, vanwege hoofdzakelijk economische omstandigheden. Wat nu bij de gemeente komt, is uit het Oezbeekse volk. Hier wordt de kerk echt uit het niets geboren. Het bijzondere is dat er overal veel kleine groepen ontstaan en nieuwe werkvelden worden geopend. Opvallend is ook een opwekking onder doofstommen, een in het verleden achtergestelde groep.”

Oezbekistan mag dan meer vrijheid van godsdienst bieden, in de praktijk is de situatie nog niet ideaal. „Er is een tegenstrijdigheid tussen de grondwet, die vrijheid van godsdienst garandeert, en Oezbeekse wetten die daar haaks op staan”, aldus de baptist Alpajev. „Onze diensten zijn nog steeds niet legaal. We zijn twee jaar geleden nog bedreigd met sluiting van het gebouw en het verstoren van diensten. Dit is trouwens niet gebeurd.”

„Op papier zijn onze diensten dus niet wettig”, aldus Alpajev, „maar de overheid treedt gelukkig weinig tegen ons op. We kunnen de Bijbel in het Oezbeeks in bezit hebben, maar een grote partij Bijbels is niet toegestaan, want dat zou op missionaire doeleinden wijzen. Er is dus onzekerheid, maar ook weer niet zodanig dat we in onze diensten gehinderd worden.”

De buurt waarin de beide voorgangers wonen (ze huizen op hetzelfde terrein en worden gesteund door Friedensstimme) is echter flink door de autoriteiten gewaarschuwd: de bewoners moeten zich niet inlaten met de baptisten door hun diensten te bezoeken. Er werd zelfs afgekondigd dat ze omgerekend duizend dollar moesten betalen als ze dat wel zouden doen.

Twee maten

Hier blijkt weer dat de overheid met twee maten meet. In het openbare leven worden moslims namelijk door middel van posters opgeroepen om hun kinderen de Koran te leren en respect voor ouders op te brengen. Geen oproep dus voor baptisten? Nee, lacht baptistisch voorganger Nicolai Serin luid, terwijl hij zich manoeuvreert door het drukke verkeer in de stad. „Dan zou erop staan: Hoed u voor de zendelingen!”

Hij bedoelt dat niet alleen schertsend. Een recent plakkaat waarschuwde inwoners zich niet in te laten met zendelingen die uit zijn op hun geld. Wie zulk contact wel had, moest hen in de steek laten. Serin vertelt dat een van zijn gemeenteleden deze publieke afkondiging ging fotograferen, maar dat werd niet op prijs gesteld door iemand van de overheid die dat toevallig zag. Omdat het op een drukke plek gebeurde, werd hij er niet op aangesproken.

De toenemende vrijheid wordt toegejuicht, maar er zijn ook christenen die bang zijn dat de deur eens weer dichtgaat. Nu internet en sociale media weer vrij zijn, zijn ze soms benauwd dat al de publieke gegevens over hun bijeenkomsten in de toekomst tegen hen gebruikt zouden kunnen worden.

De baptisten hebben dit jaar protest aangetekend tegen de beperkende maatregelen van de overheid via het invullen van een bezwaarschrift op internet. „We hebben dat gedaan met de geregistreerde baptisten”, zegt Alpajev. „We konden echter niet het vereiste aantal handtekeningen van 10.000 bij elkaar brengen en hebben er niets meer van gehoord. We hebben hier een vrijheid, maar het is een beperkte vrijheid, zoals een leeuw in de kooi. Hij kan zich overal heen bewegen, maar moet altijd weer terug in de kooi. Dat verbaast ons ook weer niet, want zo is het hier altijd geweest. We wachten op mogelijkheden om het Evangelie openlijker te kunnen verkondigen.”

Reformatorisch Dagblad 13-07-19
Auteur: Reporter Creer datum: 10-09-2019 21:25:50

Zeg nee tegen Netflix

Drs. Jeroen van der Laan MEd

De videodienst Netflix verslaat ook in het reformatorische volksdeel zijn duizenden. Laten we eerlijk in de spiegel kijken en ons bezinnen op het gebruik hiervan.

Als studentenbaantje bracht ik in Middelharnis post rond. Bij de bibliotheek in het centrum bezorgde ik de nieuwste boeken en bij de naastgelegen videotheek de nieuwste films. Zo’n vijftien jaar geleden was het de heersende overtuiging dat je in deze winkel niet hoorde te komen als je ook op zondag in de kerk zat. De videotheek is verdwenen en nu zijn op internet alle speelfilms te vinden.

De grootste speler op de online filmmarkt is Netflix. Deze site heeft een enorm aanbod van speelfilms en tv-series. Het bedrijf – in 1997 opgericht – biedt een abonnement aan waarmee je voor zo’n acht euro per maand onbeperkt films kunt kijken. Dat deze site succesvol is, blijkt wel uit het feit dat de videodienst 140 miljoen betalende abonnees heeft, waarvan drie miljoen in Nederland.

Enorm aanbod

Dagelijks komen er nieuwe films beschikbaar op Netflix. Als je een willekeurige week onder de loep neemt, zie je dat in deze week de film ”Fire in the Maternity Ward” is toegevoegd. De introductie meldt dat in deze film comedian Anthony Jeselnik de grenzen van zijn humor opzoekt, omdat hij er genoegen in schept dingen te zeggen die anderen niet zeggen. Of lees de beschrijving van ”The Wandering Earth”. In deze film zou de mensheid op zoek zijn naar een nieuwe ster, omdat Jupiter dreigt te botsen met de aarde. Het lot van de planeet ligt nu in handen van een paar onverwachte helden. En in de serie ”Bonding” klust een New Yorkse studente bij als dominatrix, iemand die in gewelddadige seksuele rollenspellen de rol van meesteres speelt. Zij zet haar beste homovriend van de middelbare school in als haar assistent.

Een Netflix-abonnement is totaal anders dan het lenen of kopen van videobanden of dvd’s, zoals dat tot enkele jaren geleden nog gebruikelijk was. Het aanbod is er online altijd en wordt alleen maar groter. Een kijker hoeft niet de deur uit om de nieuwste film in huis te halen. Daarnaast werken de algoritmes van Netflix zo dat de videodienst de gebruiker precies de films presenteert die aansluiten bij het eerdere kijkgedrag. Als een gebruiker bijvoorbeeld vooral gewelddadige films kijkt, worden vooral die aanbevolen. Ten derde betaalt de gebruiker niet per film, maar een vast bedrag per maand. Er is dus geen financile drempel om een film te kijken. Ook de tijdsbesteding is forser. Als er net een film is bekeken met een cliffhanger (een spannend en open einde) is de verleiding enorm groot om ook de volgende aflevering van de serie te bekijken, die al beschikbaar is.

Hedonistisch

Ik wil vier argumenten noemen waarom een christelijk leven niet samen kan gaan met een Netflix-abonnement. Ten eerste is er eigenlijk geen speelfilm te vinden waarin niet n van de Tien Geboden wordt overtreden. Als ik mag spreken voor en met jongeren over verantwoord mediagebruik, dan komt altijd wel de speelfilm in beeld. Op mijn stelling dat een Bijbels leven niet samengaat met het bekijken van speelfilms komt steevast forse tegenwind. Ik zou met deze stelling alles te veel over n kam scheren. Als ik dan vraag hoeveel speelfilms zij kennen waarin niet n van de Tien Geboden wordt overtreden, blijft het stil. Of er komen n of twee specifieke titels. Op de vraag of ze deze genoemde films alleen bekijken, is het antwoord ontkennend.

Ten tweede komt de hedonistische levensstijl van bekende acteurs het huis binnen en worden de laatste roddels en nieuwtjes over hen gevolgd.

Ten derde laat iedere speelfilm die is gemaakt voor volwassenen een leven zien waarin overspel, geweld en rijkdom worden verheerlijkt. Daarmee staat het gespeelde gedrag mijlenver af van een leven met de Heere. Jongeren schakelen: zo zijn er reformatorische jongeren die tussen de twee diensten op zondag meerdere films op Netflix bekijken en deze ervaringen uitwisselen op het kerkplein.

Ten vierde heeft een film een grotere invloed op de kijker dan een boek op de lezer. Illustratief daarvoor is dat Amerikaanse onderzoekers een verband legden tussen een opmerkelijke stijging van het aantal zelfdodingen bij tieners en de enorm populaire Netflix-serie ”13 Reasons Why”.

Gouden kalf

Het gebruik van Netflix onder reformatorische jongeren en hun ouders groeit. Uit een onderzoek dat ik vorig jaar voor Kliksafe deed, bleek dat het percentage Netflix-abonnementen onder het reformatorische volksdeel even groot is als in de seculiere wereld.

Ik wil oproepen om eerlijk in de spiegel te kijken over Netflix. Ieder jaar worden de gouden kalveren in Nederland uitgereikt aan onder anderen de beste acteurs. De winnaars ontvangen als prijs een gouden kalf in miniatuurvorm. Het heeft slanke poten, maar ook voldoende vlees. De kop omhoog van trots om de eer die het krijgt, de oren wijd open om de toejuichingen van het publiek goed tot zich door te laten dringen. Juist toen de Heere aan Mozes Zijn wet had gegeven, wilde het volk iets anders. Zij maakten een gouden kalf om het te vereren. Toen Mozes van de berg naar beneden kwam, zag hij de chaos en gooide hij van boosheid en verdriet de twee stenen tafelen kapot. En dat allemaal vanwege de verering van het gouden kalf. Daarom: zeg nee tegen Netflix.

De auteur is practor mediawijsheid en digitale didactiek op het Hoornbeeck College. >> www.hoornbeeck.nl/practoraat voor het complete artikel.
Meest gelezen

Reformatorisch Dagblad 10-09-19
Nog geen lid? wordt dat hier (gratis). Klik hier
Reargeren of een nieuwe topic aanmaken? Klik dan hier