Talenassortiment
                        Change the color of the site
 
Laatste nieuws:
Log in
Onthoud mij:
Het laatste kwartiertje

Navigatie a-z
 
 
 
Studiehuis Resort of Security Roemeni Informatiescherm
Uw naam:
Uw emailadres:
Uw vriends naam:
Uw vriends emailadres:
Uw bericht
Auteur: Miranda
Creer datum:
14-01-2017 17:05:15
Kerklozen de toekomst ?
Hebben kerklozen de toekomst ?
Auteur: Miranda Creer datum: 14-01-2017 17:06:05
Of ‘kerkloze christenen’ het redden, blijft een open vraag


Harmke van Berkum en Gerard ter Horst

Herkenbaar, zeggen deskundigen, christenen die stuklopen op de kerk. Maar daarmee krijgt de beweging De Kerklozen nog niet hun zegen.

Barneveld

Vanuit Zwolle kwam deze week opmerkelijk nieuws: een echtpaar sloot zich na zijn verhuizing bewust niet meer aan bij een plaatselijke kerk, maar begon in plaats daarvan op Facebook en Twitter beweging De Kerklozen. Mark en Elsa Eikema gaven tegenover deze krant aan de meerwaarde van kerkdiensten niet meer te zien.

Theoloog Gijs van den Brink is nooit enthousiast geweest over een flexibele, vloeibare vorm van kerk-zijn, vertelt hij. Hij komt weleens christenen tegen die bewust geen lid meer zijn van een kerk, ‘en dan zoek ik altijd het gesprek’. Hij begrijpt namelijk goed dat christenen vastlopen op het instituut kerk (te veel regels, te veel besluitvorming achter de schermen, te weinig betrokkenheid), maar daarmee eindigt het wat hem betreft niet.

Zelf is hij al jaren verbonden aan de leefgemeenschap-annex-huisgemeente Elim in Doorn. ‘Ik moedig dan aan een huisgroep te beginnen. Als je ergens op afknapt, is dat negatief. Doe het zelf beter, zeg ik dan, zet er iets tegenover: hoe geef jij dan vorm aan de christelijke gemeenschap?’

Het geheim van Elim is volgens hem dat de huisgemeente met zo’n veertig kerkgangers enorme flexibiliteit combineert met veel discipline. ‘De rand is heel klein, iedereen doet mee. Zeventien van de veertig personen hebben een taak in de samenkomst en er zijn negen sprekers. Zo wordt je inbreng bij ons altijd gewaardeerd. Tegelijk kennen we een heel sterke discipline in het bezoeken van de samenkomsten en het deelnemen aan Bijbelstudies en discipelschapstrainingen.’

waarom eigenlijk?

Religieonderzoeker Miranda Klaver, vooral bekend met de evangelische beweging, ziet christenen afhaken die al lang meelopen. ‘Ze zijn twintig tot vijfentwintig jaar actief geweest, de kinderen zijn het huis uit, en dan volgt herbezinning: waarom ga ik elke zondag eigenlijk naar de kerk?’

Soms lijkt daarbij sprake van burn-out. ‘Mensen hebben zich voor een lange tijd erg ingezet. Wat gebeurt er dan als je niet meer mee doet? Dan worden contacten en betrokkenheid snel minder.’

Eronder speelt een theologisch dilemma. ‘Aan de sterke inzet op geloofsbeleving in evangelische kring kleeft een groot risico. Het leven zit niet zo in elkaar dat je God altijd ervaart, en dat botst met een theologie waarin God er altijd is en tot je spreekt.’

Wat volgt is een zoektocht: de een gaat op zoek naar een meer traditionele of liturgische kerk, de ander haakt helemaal af. Of die groep wel blijft geloven, vindt ze een spannende vraag. ‘Daarnaar zou meer onderzoek moeten worden gedaan, maar de groep is lastig te onderzoeken omdat je die mensen nooit samen treft. Is het het begin van secularisering? Kun je geloven zonder deel uit te maken van een christelijke gemeenschap. Ik denk het eigenlijk niet.’

Van den Brink deelt die conclusie. Hij bindt christenen, vooral jongeren, twee zaken op het hart: oordeel niet over andere christenen en accepteer dat medegelovigen onvolmaakt zijn. ‘Mensen knappen op elkaar af door teleurstellingen. Dat is vooral voor jonge christenen moeilijk. Ik benadruk daarom voortdurend het onvolmaakte, dat bij het leven hier hoort.’

Het valt Klaver op dat mensen zich niet graag langer binden aan een groep, dat raakt ook de kerk. ‘Maar de behoefte om ergens bij te horen steekt altijd weer de kop op.’ <

‘de Koning vertegenwoordigen kan niet in de kerk’
naam:Corine van Marsbergen (38)

plaats:Sassenheim

voormalige kerk: hervormde kerk

‘Ik geloof dat de kerk is waar de gelovigen zijn. Wij zijn de kerk als we met vijf medegelovigen bij de bushalte staan en bidden voor iemand met een zere rug, of als we op dinsdagochtend met collega’s prostituees bezoeken en hun vertellen dat ze meer waard zijn dan vijftig euro. Zo heeft God het bedoeld: Hij stuurde zijn Zoon naar de wereld en niet naar de kerken. Ik ben dus bewust geen lid van een kerk, maar wel lid van het Koninkrijk van God. Ik ben Gods ambassadeur in deze wereld. Als je de Koning wilt vertegenwoordigen in de wereld, dan kan dat niet binnen de vier muren van de kerk. De kerk is eerder een vereniging met regels en bestuursleden. Als daar een prostituee komt binnenlopen, schrikt iedereen zich te pletter. Ik ben vroeger wel opgegroeid in de kerk, een reformatorische. Daar ben ik weggegaan omdat ik dacht: als ik in deze God moet geloven, heeft het geen zin. Daarna was ik er klaar mee en geloofde ik een tijdlang niet. Later ontdekte ik dat God een liefdevolle God is en kwam ik tot geloof. Ik dacht dat daar een kerk bij hoorde, dus ik ben toen naar een hervormde kerk gegaan, maar daar vond ik niet wat ik thuis had ervaren toen ik God ontmoette. Het besluit niet meer te gaan, was in eerste instantie intuïtief, maar nu weet ik dat wij niet naar de kerk hoeven. Vroeger gingen mensen naar de tempel omdat God daar woonde, nu woont Hij met zijn Geest in ons. Als wij als gelovigen samenkomen, dan is dat de kerk. En die groep moet naar de wereld toe. Mijn geestelijke voeding haal ik uit aanbidding, als ik liederen zing, of uit een boswandeling. Ik geef mijn geloof vorm door te vertellen wie God is en door hoop en genezing te brengen. Het evangelie is niet zo groot: God heeft zijn Zoon gegeven voor ons, zodat wij een nieuw leven krijgen. Dat goede nieuws mogen wij delen met anderen.’

‘ik was kerkelijk burn-out, ik was op’
naam:Janet den Hollander (40)

plaats:Harderwijk

voormalige kerk: evangelische gemeente

‘Toen ik besloot niet meer naar de kerk te gaan waarvan ik lid was, heb ik geen andere kerk gezocht. Ik was kerkelijk burn-out, zoals ik het zelf noem. Het was op. In mijn evangelische gemeente werd veel voor je bepaald en van je verwacht. Er werd gelet op hoeveel alcohol je dronk, of je niet samenwoonde of seks voor het huwelijk had. Ik ben daar zelf wat vrijer in. Ook wat betreft taken in de gemeente werd er veel van je verwacht. Het was een kleine gemeente en niet iedereen nam een taak op zich, waardoor er flink op gehamerd werd hoe belangrijk het is iets te doen. Op een gegeven moment ging het me allemaal tegenstaan en heb ik besloten niet meer naar de kerk te gaan. Ik had soms ook het gevoel twee levens te leiden: een in de kerk en een daarbuiten. In de kerk werd bijvoorbeeld benadrukt hoe belangrijk het is om naar buiten te treden, maar in het ‘echte’ leven was ik verlegen en vond ik het lastig op mensen af te stappen. Ik was een actief kerklid en zat in het muziekteam, maar naar buiten toe verborg ik het meer. Toch kan ik God niet wegdenken uit mijn leven. Ik geloof in Jezus en dat Hij is gestorven voor onze zonden. Mijn vriend en ik bidden soms voor het eten en ik blog op Lazarusmagazine.nl. Af en toe lees ik in de Bijbel, maar een echte bijbellezer ben ik nooit geweest. Zo nu en dan doe ik een Bijbelstudie via internet. Soms vraag ik me af of ik niet toch op zoek wil naar een kerk. Ik heb behoefte aan meer voeding en aan een plek waar ik samen met anderen het geloof kan beleven. Maar als ik dan weer denk aan een kerk zoals die nu bestaat, dan is er niet een die me aanspreekt. Toen een lesbische vriendin van mij uit de kast kwam en haar taken in de gemeente daarom moest neerleggen, ben ik echt afgeknapt op de kerk. Ik houd niet van al die dogma’s. Maar ik zou ook niet naar een vrijzinnige kerk willen.’

‘mensen in de kerk willen controle, daar kon ik niet meer tegen’
naam:George Stavorius (51)

plaats:Triemen

voormalige kerk: Vrije Baptistengemeente

‘Soms ga ik nog wel naar de kerk. Dan ben ik er een halfuur en vraag ik mensen hoe het met hen gaat. Zo nu en dan blijf ik tot het zingen, maar het lukt me niet de hele dienst te blijven. Ik denk weleens: wat is het een dooie boel, net of er niks gebeurt. Het is er saai. Ik ben niet boos weggegaan bij de Vrije Baptistengemeente waar ik ruim twintig jaar lid van was, maar wel verdrietig. Ik ging na de kerkdienst vaak naar huis met de vraag in mijn hoofd: God, wat had U vandaag allemaal kunnen doen? Stel, we zouden elkaar in de kerkdiensten vertellen wat we de afgelopen week met God hebben meegemaakt. Dat zou toch prachtig zijn? Misschien is het dan zo dat de voorganger in die dienst wat minder tijd heeft. En daar hebben mensen moeite mee. Ze zijn bang dat het dan een puinhoop wordt. Maar God schiep orde in het heelal, zou hij zich dan met de diensten geen raad weten?

In mijn werk als godsdienstdocent gebeurt het ook dat ik een les voorbereid die vervolgens heel anders verloopt, omdat leerlingen andere vragen stellen dan ik van tevoren dacht. Maar in de kerk gaat alles zo binnen de kaders, mensen willen controle, en daar kan ik niet meer tegen. Mensen wilden ook controle over mij. Toen ik tienerleider was, kwam er iemand over mijn schouder meekijken en vroeg kritisch: je gaat toch geen avondmaal vieren met de tieners? Dan kwamen er regels die ik in de Bijbel helemaal niet terugvind. Ook toen mijn dochter zich wilde laten dopen en mij vroeg dat te doen, stuitte dat op weerstand – want dopen, dat doen de oudsten. Maar waar staat dat in de Bijbel?

Ik heb geen andere gemeente kunnen vinden waar wel veel ruimte is voor de veelzijdigheid die ik zoek. Een kerkdienst zit altijd vast in een bepaalde liturgie. Ik zou wel graag bij een gemeente willen horen, ik verlang ernaar om bij andere mensen te zijn. Het is fijn dat ik door mijn werk als godsdienstdocent veel met het geloof bezig ben. Daar dank ik God ook voor. Verder kom ik met een groepje christelijke mannen uit verschillende kerken bij elkaar. We praten dan samen en bidden voor elkaar. En ik houd contact met mensen die God ook kennen, om eerlijk te praten over het leven, over wat pijn doet en over wat ik niet begrijp.’

kerkloze thuislezers
Kerkloze christenen bestaan al heel lang: denk aan de honderdduizenden ‘papieren leden’ van de grote volkskerken die zichzelf niet zomaar als ongelovig beschouwen, aan de thuislezers zoals die in Jan Siebelinks boek Knielen op een bed violen (de kerk is verwaterd, alleen thuis valt de zuivere leer te bewaren) of aan christenen die op zondag thuisblijven en naar Hour of Power of de EO kijken.

Nederlands Dagblad 14-01-17
Nog geen lid? wordt dat hier (gratis). Klik hier
Reargeren of een nieuwe topic aanmaken? Klik dan hier