door W. J. Eradus
”Vergeltungswaffe 3”. Het laatste vergeldingswapen dat Hitler kan inzetten om Engeland onder de knie te krijgen. De V3, een soort superkanon, moet de stad Londen onder een constante stroom van projectielen doen bezwijken. De geallieerden krijgen echter bijtijds lucht van ”The London Gun”. Ze vernietigen de ondergrondse lanceerbasis bij Calais. Meer dan 3000 dwangarbeiders komen om.
Het nog intacte deel van het gangenstelsel is nu ingericht als oorlogsmuseum om een onbekend stuk oorlogsgeschiedenis aan de vergetelheid te ontrukken.
Het dorpje Mimoyecques, direct achter de Franse krijtkust tussen Calais en Boulogne, ligt vredig en welvarend in het golvende landschap verscholen. Behalve een bruin bord met opschrift ”Fort Mimoyecques”, de voormalige V3-lanceerbasis, lijkt niets meer te herinneren aan het feit dat Hitler in mei 1943 bevel gaf om in de krijtrotsen een enorme ondergrondse basis te bouwen voor de lancering van een nieuw geheim wapen, de V3.
De Führer beseft dat dit het ”wapen van de laatste kans” is om door verwoesting van Londen en het zuidoosten van Engeland te voorkomen dat de geallieerden een succesvolle landing op de Franse kust kunnen voorbereiden.
Bouwbedrijf
In september 1943 start Hitlers bouwbedrijf ”Organisation Todt” bij Mimoyecques diep in de krijtrotsen met de bouw van een ondergronds bunkercomplex. Daarin zal een batterij van 50 V3-superkanonnen worden opgesteld. Voor de bouw van het diep gelegen complex zet de organisatie Todt duizenden dwangarbeiders in. Vijftig schachten van 150 meter lengte worden onder een hoek van 51 graden in de krijtrotsen uitgehakt. Deze schachten staan in verbinding met een centrale tunnel die een lengte heeft van 600 meter.
Het gesteente dat bij de aanleg vrijkomt, wordt eerst donkergroen geverfd en dan pas op treinwagons de tunnel uitgereden. Ook dragen de dwangarbeiders donkergroen gekleurde kleding. Zo hopen de Duitsers hun werkzaamheden verborgen te kunnen houden.
Als de Duitse leiding een lokale Franse elektriciteitsmaatschappij verzoekt een vermogen van 5000 kilowatt te mogen afnemen voor het geheime complex, trekt dat snel de aandacht van de Résistance, de Franse ondergrondse verzetsbeweging. Deze waarschuwt de Britse geheime dienst, die daarop in augustus 1943 de eerste luchtfoto's van het gebied laat maken. Die foto's tonen twee spoorlijnen die ergens in de rotsen verdwijnen.
Op dat moment weten de geallieerden nog niets van de gevaarlijke wapens die onder de grond worden opgesteld. Maar de spoorlijnen en de grote energiebehoefte zijn zeker verdacht. Daarom besluiten de geallieerden het gebied te bombarderen. Op 5, 8 en 9 november 1943 werpen de toestellen van het Amerikaanse negende squadron hun bommen af.
Het 5 meter dikke betonnen dak van het complex weerstaat de eerste aanval.
Verdrinking
Op 6 juli 1944 volgt opnieuw een groot bombardement, want Winston Churchill ziet het vreemde complex nog steeds als een ernstige bedreiging. Die dag voeren niet minder dan 116 toestellen van het 617e squadron van de Royal Air Force een grootscheepse aanval uit.
Zware vliegtuigen zoals de B-17 (”Flying Fortress”, vliegend fort) en de B-4 (”Liberator”, bevrijder) bestoken het complex. Zij werpen zestien Tallboy-bommen af met een gewicht van 5,4 ton; in die tijd de krachtigste explosieven uit het Britse wapenarsenaal. Drie daarvan doorboren de krijtrotsen en het betonnen dak van het complex. Eén rolt door een lanceerschacht naar beneden en komt op de tweede verdieping tot ontploffing. Daarbij vallen 600 slachtoffers. De schade is enorm.
Doordat ook een watervoerende laag wordt geraakt, loopt het complex snel vol, waarbij nog eens 3000 dwangarbeiders door verdrinking omkomen.
De geallieerden zijn niet op de hoogte van dit succes omdat van buitenaf betrekkelijk weinig schade is te zien. Daarom doen de Amerikanen op 12 augustus 1944 nog een poging het complex te vernielen. Een met 16 ton explosieven volgeladen Liberator (B-4) stijgt op. In de buurt van het doel zal de bemanning uit het toestel springen en met behulp van parachutes landen. Daarna zal de Liberator, radiografisch bestuurd vanuit een ander vliegtuig, doorvliegen om ten slotte een vernietigende duikvlucht op Mimoyecques uit te voeren. Het toestel explodeert echter voortijdig, waarschijnlijk door kortsluiting in de bedrading, terwijl het boven Blythburg (Suffolk) vliegt. De vliegers Joseph Kennedy, de oudere broer van de Amerikaanse president John F. Kennedy, en Wilford Willy komen hierbij om het leven.
Bevrijding
Als het Canadese leger in september 1944 oprukt naar het gebied, ontruimen de Duitsers hun V3-basis bij Mimoyecques. Op 9 mei 1945 blazen de Britten nog een deel van het complex op. De Franse regering laat daarna de onder water gelopen verdiepingen afsluiten met beton omdat het onmogelijk is de stoffelijke overschotten van de dwangarbeiders te bergen, maar ook opdat de bunker in de toekomst nooit meer een bedreiging voor wie dan ook zou kunnen vormen.
Museum
Een deel van de zuidelijke ingang wordt begin jaren tachtig weer vrijgemaakt en ingericht als een museum. Het bevat een monument ter herdenking van de duizenden omgekomenen, voorzien van de vlaggen van de achttien landen waaruit zij afkomstig zijn en een monument voor de beide piloten Joseph Kennedy jr. en Wilford Willy. In een half ingestorte lanceerschacht kunnen bezoekers een reconstructie bekijken van het V3-superkanon waarmee uiteindelijk geen enkel schot richting Engeland is gelost.
oorlogsmusea.nl/artikel/182, lacoupole-france.com.
Het oorlogsmuseum bij Mimoyecques is dit seizoen wegens reorganisatie gesloten. Wel wordt nabij St. Omer de geschiedenis van zowel de V1, de V2 als de V3 getoond in het grote oorlogsmuseum La Coupole.
--------------------------------------------------------------------------------
Ondergrondse lanceerinrichting
De nazi's ontwikkelen de V3 met als doel om met projectielen uit het kanon Londen te bereiken. Het superkanon krijgt de camouflerende naam ”Hochdruckpumpe” (HDP) ofwel hogedrukpomp.
De HDP bestaat uit een 130 meter lange loop met op regelmatige afstanden zijtakken, die het gevaarte de vorm van een vissengraat geven. In die korte zijtakken bevinden zich explosieve ladingen die elektrisch tot ontploffing worden gebracht zodra het projectiel in de hoofdbuis de zijtak is gepasseerd.
Het projectiel krijgt daardoor telkens opnieuw een versnelling en moet uiteindelijk met 1500 meter per seconde, bijna vijf keer de geluidssnelheid (mach 5) de loop verlaten.
Door montage van de loop onder een hoek van 51 graden heeft het projectiel een actieradius van 160 kilometer, juist ver genoeg om Londen te bestoken. Het doel is om met de bouw van een batterij van vijftig ondergronds opgestelde HDP's, die in vijf minuten herladen kunnen worden, een bommenregen van 600 projectielen per uur te realiseren.
REf.Dagblad 05-05-09






