door onze redacteur Jan van Benthem
Het Franse uitzettingsbeleid voor illegale Roma is een zegen voor Roma in Europa. Het biedt een uitgelezen kans te kijken naar de discriminatie van de Roma in Oost-Europa - en naar de Roma zelf.
Woest waren de Roma. De staatssecretaris omschreef hen in een brief aan het parlement als een groep met ,,een disproportioneel hoge criminaliteit, extreem hoog schoolverzuim en overlast''. Bovendien zijn ze onverbeterlijk, want, zo gaat de brief verder, ,,de Roma achten onze wet- en regelgeving ondergeschikt aan hun historisch gegroeide eigen tradities en wetten. Hiermee plaatsen de Roma zichzelf buiten onze samenleving''. Driekwart van de volwassenen heeft een strafblad, er is sprake van ,,sociale uitbuiting van Roma-kinderen die op straat muziek maken of anderszins wat muntjes trachten te krijgen'' en van een ,,uitkeringsafhankelijkheid''.
Vóór u naar de telefoon grijpt om de Franse ambassade de oren te wassen over dit zwarte portret van de Roma: de brief is van juni vorig jaar, van 'onze' PvdA-staatssecretaris Eberhard van der Laan, momenteel beter bekend als burgemeester van Amsterdam.
Stille trom
De Roma vormen een probleem in heel Europa. Het is niet anders. Maar het is niet alleen daarom dat de vergelijking van het Franse beleid - om Roemeense of Bulgaarse Roma met een paar honderd euro zakgeld op het vliegtuig retour naar hun land te sturen - met de deportaties in de Tweede Wereldoorlog, mank ging. (Een vergelijking van de Europese commissaris voor Justitie Viviane Reding.)
Er is een hele trits EU-lidstaten die Roma uit Roemenië, Bulgarije en Slowakije uitzetten. Dat gebeurt meestal met stille trom, maar de Italiaanse premier Berlusconi gaf aan de vooravond van de Europese top in de Franse krant Le Figaro openlijk zijn steun aan president Sarkozy. Een voorbeeld, hoe door de Franse acties tegen de illegale kampen in hun land, het onderwerp eindelijk weer eens die aandacht krijgt die het nodig heeft. Want de problemen met de Roma en hun eigen problemen zijn niet opgelost als Frankrijk hen niet langer het land uitzet.
Geen aandacht
Spanje, met zo'n 700.000 Roma binnen de grenzen, weet dat bijvoorbeeld maar al te goed. Toen Madrid in april dit jaar een Europese Roma-conferentie organiseerde, kwamen daar welgeteld drie ministers uit de 27 lidstaten opdagen - waarvan twee uit Spanje zelf. De Franse staatssecretaris voor Europese zaken, Pierre Lellouche, klaagde er in een artikel in Le Figaro, drie weken geleden, over dat hij het afgelopen jaar twee keer naar Roemenië is gereisd om daar te proberen aandacht voor de problematiek rond de Roma te krijgen. Pas na het aandringen van de Franse politicus stelde Roemenië een staatssecretaris aan die speciaal belast is met de Roma. Dat terwijl de EU ruim zeventien miljard euro beschikbaar heeft om de positie van de naar schatting tien miljoen Roma te verbeteren. Kennelijk vond Roemenië dat de moeite niet waard?
Het is een van de tekenen, hoe in Oost-Europese landen deze bevolkingsgroep met de nek wordt aangekeken. Vorig jaar nog schrok Cynthia Ortega, Tweede Kamerlid voor de CU, zó hevig van de discriminatie en de overheidscorruptie richting de Roma in Oekraïne, dat ze concludeerde dat Oekraïne voorlopig niet tot de EU mag toetreden. Maar de situatie in Oekraïne is niet veel slechter dan die in Roemenië of Bulgarije, die drie jaar geleden lid van de EU werden.
De twijfel of er wel een verbetering in die landen zou komen, vertaalde zich in aanvullende regelgeving. Daarin is bepaald dat Roemeense of Bulgaarse burgers - lees: Roma - binnen drie maanden werk en een verblijfplaats moeten hebben gevonden, of weer terug moeten gaan naar hun land. De werkloze Roma in de illegale kampen onder bruggen, bij de buitenwijken van grote steden of zelfs op de stoep van openbare gebouwen, zijn volgens die regels illegaal in Frankrijk en kunnen daarom worden uitgezet, net zo goed als dat in Italië, Groot-Brittannië, Zweden, Duitsland en Denemarken gebeurt. De eigen strikte groepscultuur van de Roma maakt het daarbij erg lastig hun gevallen op individuele basis te beoordelen, iets wat volgens het in Europa geldend recht wel moet.
Strafblad
Daarbij wreekt zich wat de voormalige Nederlandse staatssecretaris Van der Laan vorig jaar beschreef: de Roma stellen hun eigen gebruiken en regels boven die van het gastland waar ze verblijven. Het gesprek met de Roma zal dus erg moeilijk worden, al was het alleen al omdat, weer naar de rapportage aan de Nederlandse Tweede Kamer, ,,sleutelfiguren uit de Roma-gemeenschap vaak een strafblad hebben, waardoor het moeilijk is om goede contacten te onderhouden''.
Het Roma-probleem lijkt zo bijna uitzichtloos. Ze staan wel erg duidelijk buiten onze in regeltjes gegoten Europese samenlevingen. Zelfs in ons land weten we er vaak geen raad mee, bleek enkele jaren geleden rond enkele Roma-gezinnen die met maar liefst zeshonderdduizend euro 'vertrekpremie' door de gemeente Driebergen-Rijsenburg over de gemeentegrens werden gezet.
Bijbelse normen
Toch zijn er wel degelijk Roma die zich niet schuldig maken aan criminaliteit. Een deel van hen is christelijk - vaak evangelisch - en daarmee aanspreekbaar op Bijbelse normen, die als het goed is boven de op oud-heidense gebruiken gebaseerde Roma gedragsregels staan.
Met deze leden van hun gemeenschap en met de aandacht die er dankzij het Franse optreden nu weer is voor hun leven - volgens Lellouche ,,vaak onder het meest elementaire niveau van menselijke waardigheid'' - kunnen de Roma misschien eindelijk een begin maken van een verbetering van hun situatie. Dat vraagt van de EU dat de discriminatie hard wordt aangepakt, en het vraagt van de Roma dat ze zichzelf hard aanpakken. Alleen dan kan er een oplossing komen, al zal dat nog heel wat jaren van geconcentreerde inzet vragen. Laat de actie van Sarkozy daarvoor het startschot zijn.
Ned.Dagblad 17-09-10






