door Hans Amesz
AMSTERDAM - De angst is teruggekeerd op de effectenbeurzen. Dat blijkt uit de stijging van de Vix-index, de volatiliteitsindex voor de aan de Chicago Board Options Exchange verhandelde opties. Die steeg maandag 15 juni met 9,5% tot bijna 31, de grootste stijging sinds midden april. Als de waarde van de Vix omhooggaat duidt dat op toename van de vrees bij beleggers. Een waarde van boven de 30 geeft aan dat er sprake is van een zeer hoge beweeglijkheid en dito angst.
De AEX Volatility Index vertoont overigens eenzelfde beeld.
Waar komt die angst ineens vandaan? Immers, vanaf midden maart leken beleggers alle vertrouwen te hebben in een herstel van de wereldeconomie en het bankensysteem. Wereldwijd zijn de aandelenbeurzen aanzienlijk gestegen, de brede Amerikaanse Standard & Poor's 500-index ging met bijna 35% omhoog. De olieprijs steeg eveneens spectaculair tot boven de 72 dollar per vat om de laatste dagen weer wat terugvallen.
Inmiddels is de euforie over een spoedig te verwachten einde van de recessie naar de achtergrond verdwenen. Op de financiële markten maken beleggers zich zorgen over de zich ophopende staatsschulden. Ook de stijging van de olieprijs voedt de angst voor inflatie. De rendementen van staatsobligaties zijn in de tweede week van juni op het hoogste niveau sinds een halfjaar uitgekomen.
Bij een veiling van tienjarig staatspapier moest de Amerikaanse regering een rendement van 3,99% accepteren om aan het gewenste bedrag van 19 miljard dollar te komen. Dat was zo veel als in augustus 2008 en bijna dubbel zo hoog als eind 2008 met 2,05%. Het rendement van 30-jarige staatsobligaties bereikte met 4,83% zelfs de hoogste stand sinds oktober 2007.
Uiteraard zijn de experts het niet eens over de oorzaken hiervan. Een deel verklaart de hogere rentes uit het feit dat de Federal Reserve (Fed) in de komende jaren meer inflatie zal toelaten. Daarom eisen beleggers nu al hogere rentevergoedingen. Verder zouden, als gezegd, de inflatie-angsten worden aangewakkerd door de snelle stijging van de olieprijs. Die is weliswaar weer enigszins teruggevallen, maar dit lijkt tijdelijk omdat er vermoedelijk weer speculatief kapitaal, op zoek naar rendement, naar de olietermijnmarkten zal gaan vloeien.
Optimisten menen dat de rentestijging samenhangt met conjunctureel herstel. Daardoor neemt de vraag van bedrijven en huishoudingen naar krediet weer toe wat tot hogere rentes leidt. Volgens dit kamp hoeft niet gevreesd te worden voor een weer opleven van de inflatie omdat de Fed zeker op tijd tegengas zal geven. Want noch de Fed noch de regering zijn gebaat bij inflatie omdat daardoor de financiering van de steunprogramma's alleen maar duurder en moeilijker wordt.
Afgezien van rentezorgen worden beleggers ook gekweld door het onlangs begonnen debat over hoe de verschillende landen zich uit de kringloop van conjunctuurprogramma's en de spuigaten uitlopende staatsschulden kunnen terugtrekken en tegelijkertijd de opkomende inflatie een halt kunnen toeroepen. Nog voordat een einde van de wereldwijde economische crisis in zicht is, willen de ministers van Financiën van de G-8 staten een zogenoemde exit-strategie ontwikkelen. Het ligt voor de hand dat beleggers er hierdoor van uitgaan dat er eerder dan verwacht een einde komt aan de stimuleringsmaatregelen.
De uitkomst van dit debat kan beslissend zijn voor de ontwikkeling van de financiële markten. Het gaat er vooral om de liquiditeit te verminderen die in de afgelopen maanden in de verschillende economieën is gepompt. En om de vraag hoe de nationale begrotingstekorten gereduceerd kunnen worden. In de regel gebeurt dat door verhoging van de rente en de verkoop van staatsobligaties respectievelijk vermindering van overheidsuitgaven en verhoging van belastingen. Voor beleggers geen vrolijk vooruitzichten.
Hans Amesz is onafhankelijk beleggingdeskundige.
Telegraaf 17-06-09






