PEKING – Door het hoge aantal abortussen van meisjes worden in China steeds meer jongens dan meisjes geboren. Jaarlijks komen op elke 100 meisjes 124 jongens ter wereld. Dat zorgt voor een 'overschot' van ruim 32 miljoen jongens.
Dat is gebleken uit een onderzoek dat vrijdag is gepubliceerd in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift British Medical Journal.
Veel ouders in China laten tijdens de zwangerschap een echo maken om te achterhalen of de baby een jongen of een meisje is. Is het een meisje, dan laten ouders vaak een abortus uitvoeren. Jongetjes zijn veel gewilder, mede door de eenkindpolitiek die Peking heeft ingevoerd om de explosieve bevolkingsgroei tegen te gaan.
Zoals in meer Aziatische landen kent China een cultuur van voorkeur voor jongens. Zij zetten de familielijn voort en worden –meer dan meisjes– als de verantwoordelijke gezien om hun ouders bij ziekte en ouderdom bij te staan.
Alleen al in 2005 werden in China, een land met 1,3 miljard inwoners, meer dan 1,1 miljoen jongetjes 'te veel' geboren. In sommige regio's is het probleem zeer groot. Zo worden in de provincies Jiangxi en Henan zelfs 140 jongetjes geboren op elke 100 meisjes. Alleen in Tibet en Xinjiang, waar de eenkindpolitiek minder streng wordt toegepast, zijn de verhoudingen normaal.
De onderzoekers waarschuwen dat de verhouding tussen jongens en meisjes de komende twintig jaar verder scheef zal groeien. Alleen als Peking zijn eenkindbeleid wijzigt en het bestaande verbod op selectieve abortus daadwerkelijk handhaaft, zullen de demografische verhoudingen zich weer enigszins kunnen normaliseren, aldus de wetenschappers.
Enige hoop op normalisatie putten de onderzoekers uit de toenemende trek naar de stad in China. Uit de cijfers blijkt dat selectieve abortus veel vaker op het platteland voorkomt dan in de stad.
De wetenschappers wijzen in dit verband op Zuid-Korea, waar in 1992 de verhouding jongens–meisjes 229 op 100 bedroeg. Door een intensieve bewustwordingscampagne is die verhouding inmiddels ongeveer gelijk.
Het probleem doet zich overigens niet alleen in China voor. Ook in andere delen van Azië –vooral in India– is de verhouding van het aantal jongens en meisjes volkomen scheef gegroeid. Ook Afrika ten zuiden van de Sahara kampt met een 'tekort' aan vrouwen en meisjes.
In de meeste landen worden gemiddeld op elke 100 meisjes tussen de 103 en de 107 jongetjes geboren.
Ref.Dagblad 11-04-09






