Het geleidelijk ophogen van de pensioenleeftijd naar 67 jaar kan de Nederlandse pensioenfondsen voor grote problemen stellen. Het is veel te complex, te duur en kost te veel tijd.
Actuarieel
Dat concludeert het gezaghebbende Actuarieel Genootschap in een zojuist verschenen advies. Het Genootschap van pensioendeskundigen reageert met een uitgebreid rapport op de aanzwellende politieke roep om de pensioenleeftijd te verhogen van 65 naar 67 jaar.
Niet geleidelijk
In de politiek is met name het idee om de aow-leeftijd geleidelijk te verhogen populair: elk jaar één maand later met pensioen.
Het Genootschap stelt dat de Nederlandse pensioenfondsen op twee manieren kunnen reageren op de geleidelijke verhoging. De fondsen zouden het gemis aan AOW kunnen compenseren. Dit zou betekenen dat elke werknemer alsnog met 65 een vol pensioen heeft. De fondsen zouden ook niets kunnen doen, maar dat zou betekenen dat een werknemer vanaf zijn 65ste wel pensioen krijgt, maar geen AOW.
Te duur en onwenselijk
De eerste optie is te duur en de tweede situatie onwenselijk. Geconcludeerd wordt vervolgens dat er geen andere keuze is dan meebewegen met de politieke wens tot latere pensioenering. Maar de manier waarop de politiek dat wil, is administratief veel te omslachtig en veel te duur. De pensioenwijzen stellen dus voor om de stap ineens te maken: in één klap van 65 naar 67.
5 jaar de tijd voor overgang naar 67 jaar
De politiek zou de fondsen 5 jaar van tevoren moeten inlichten over het voornemen om naar 67 te gaan. Die tijd heeft de sector nodig om zich aan te passen aan de nieuwe situatie.
RTL Z 12-03-09






