door Peter Bergwerff
Alles in de Bijbel is belangrijk, maar niet alles in de Bijbel is even belangrijk. De aandrang van Paulus aan Timoteüs om zijn best te doen nog voor de winter te komen, is van een ander gewicht dan het open graf op de paasmorgen.
Soms voelt de Bijbellezer als het ware tastbaar: ,,Doe je schoenen van je voeten. Je staat op heilige grond.''
Het verhaal van de Emmaüsgangers, die op de middag van de eerste paasdag diep teleurgesteld over de letterlijke afgang van hun held Jezus van Nazaret, op weg zijn een dorpje even buiten Jeruzalem, is zo'n moment. Zoals alle ontmoetingen tussen God en mens die in de Bijbel beschreven worden. Mozes op de Sinaï bijvoorbeeld, of Elia op de Horeb.
Wat maakt het verhaal van de twee discipelen van Jezus nu zo imponerend? Dit: we zouden het zelf kunnen zijn die de hoogheilige God hier in Jezus Christus incognito ontmoet. Twee gewone, moedeloze mensen die alle hoop verloren hebben. God grossiert niet in relaties met groten, rijken, machtigen of zelfs heiligen, maar de hele Bijbel door zijn het vooral gewone mensen met wie Hij in verbinding treedt. Uitgerekend ook op dit moment, slechts enkele uren nadat de grootste gebeurtenis in de wereldgeschiedenis, Gods meest fundamentele ingrijpen ooit, heeft plaatsgevonden.
Dat spreekt vandaag nog sterker, omdat de Emmaüsgangers in zekere zin model kunnen staan voor ons, postmoderne mensen. Het is de theoloog N.T. Wright die hierop gewezen heeft. Onze grote verhalen zijn gebroken en zo waren die van hen. Argwanend bezien wij alles wat hoop pretendeert te brengen, want is het recente verleden van de grote ideologieën niet allemaal loos gebleken? En zo liepen ook die twee daar op weg naar Emmaüs: hopeloos, want hun grote verhaal van de verlossing van Israël lag in duigen.
En dan voegt God in Jezus Christus zich bij hen. Ze zagen het wel niet, want hun ogen waren zwaar van teleurstelling en verbittering. Maar Hij doet zijn bijbeltje open en tekent hun hoe al die verhalen van eeuwen en eeuwen heenwezen naar wat er nu net gebeurd was: God die door een kruis en een open graf zijn wereld en de mensen daarop niet alleen nieuw, maar ook eeuwig uitzicht biedt. Het dal vol dorre doodsbeenderen richting Emmaüs was niet het einde. Is niet het einde.
Jezus verkondigde hun zijn eigen Woord, Hij stelde zichzelf als het ware voor, en hun harten gingen branden. En toen Hij vervolgens ook nog het brood nam, de zegen uitsprak en het brak - aan zijn Woord paarde zich zijn sacrament - gingen hun ogen open voor de échte werkelijkheid. Zoals ooit door eigen keuze de mens in de hof van Eden de ogen waren opengegaan voor het kwaad, zo gingen nu de ogen van die twee open voor de eeuwige overwinning daarop: Ze zagen Jezus!
,,Wat ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij? Vestig je hoop op God, eens zal ik hem weer loven, mijn Verlosser en mijn God!''
Reacties (1)
Jos (12 april 2009 13:40)
Prachtig ! HEERlijk ! God laat zich vinden door degenen die Hem zoeken met heel hun hart !
Ned.Dagblad 11-04-09






