UTRECHT – De SGP doet er niet wijs aan om in haar verzet tegen de islam een bondgenootschap aan te gaan met de PVV van Wilders.
Dat advies gaf oud-minister Plasterk van Onderwijs zaterdagmorgen mee aan de ongeveer achthonderd aanwezigen op de SGP-jongerendag in Utrecht. Verzet tegen de islam is volgens niet alleen strijdig met de beginselen van de Nederlandse samenleving, maar ook met het Bijbelse uitgangpunt: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.
SGP-fractievoorzitter Van der Vlies erkende in de discussie dat gelijke behandeling van godsdiensten een discussiepunt is in de SGP en dat in gemeenteraden partijgenoten verschillend omgaan met aanvragen voor bouwen van moskeeën. In de Tweede Kamer verzet de fractie zich tegen de bouw van megamoskeeën en minaretten. De SGP ziet die „als symbolen van overheersing”.
Plasterk waarschuwde de SGP daarop niet te streven naar een monocultuur. Daarop stelde Van der Vlies dat het de overtuiging van 'zijn' politieke partij is dat het wijs is dat mensen zich in hun leven houden aan het Woord van God. „En dat geldt voor iedereen”, aldus de SGP-voorman.
De oud-minister van Onderwijs vroeg daarop aan Van der Vlies of hij wel de volle vrijheid heeft om daar níet naar te leven. „U hebt die vrijheid, maar het is wel heel onverstandig om dat niet te doen”, zo antwoordde de SGP'er.
Plasterk probeerde tijdens zijn inleiding de SGP-jongeren zover te krijgen dat zij de uitleving van homoseksualiteit zullen accepteren. Volgens hem is er „het mandje van gedragingen” waarin zaken zitten als prostitutie, stelen en pornografie. Daarin kunnen mensen verandering aanbrengen. Dat geldt niet voor het „mandje van persoonskenmerken”, waarin zaken zitten als ras, geslacht en geloof. Volgens de bewindsman behoort homoseksualiteit thuis in het laatste mandje omdat dit bij een persoon hoort en dat niet „door een therapie of veel te bidden” anders kan worden. Volgens Plasterk, die zich beschikbaar heeft gesteld voor de PvdA-kandidatenlijst, is dat dan ook beter om de uitzonderingsbepaling in de Algemene wet gelijke behandeling voor het bijzonder onderwijs te schrappen.
De aanwezige jongeren probeerden de bewindsman zover te krijgen dat hij zijn afkeuring zou uitspreken over de actie van PvdA-voorzitter Ploumen om in de St. Janskerk van Den Bosch te protesteren tegen het weigeren van de communie aan een praktiserend homoseksuele prins carnaval. De SGP heeft door middel van schriftelijke vragen aan het kabinet geprotesteerd tegen deze actie.
Volgens Plasterk is er niet zoveel aan de hand. Ploumen mag als lid van de rooms-katholieke kerk best protesteren tegen de gang van zaken. Volgens de oud-bewindsman is de actie van de achterliggende weken heel wat minder erg dan de beeldenstorm die de gereformeerden in de zeventiende eeuw hielden. Waarop Van der Vlies antwoordde dat een beeldenstorm niet in het verkiezingsprogramma van de SGP voorkomt.
Tijdens het middagprogramma kreeg oud-VVD-politica Hirsi Ali de ”Oranje Boven 2010”-prijs uitgereikt omdat ze in haar jongste boek Nomade positief spreekt over christenen en christelijke waarden. In haar strijd tegen de islam heeft ze nieuwe bondgenoten nodig en daarbij wil ze graag de kerken betrekken, zo schrijft ze in haar boek,
Volgens SGP-jongerenvoorzitter Rozendaal sprak van een aanmoedigingsprijs omdat hij ook graag zou zien dat Hirsi Ali zelf ook christen wordt. Het oud-VVD-Kamerlid, dat momenteel in Amerika woont, voelt vooralsnog niets voor zo'n stap, zo liet ze weten: „Het is heel moedig dat ik als vrouw en als atheïste, als ongelovige deze prijs krijg. Jullie zijn vooruitstrevend. Ik kan prima zonder God leven en zonder de gedachte dat er een hiernamaals is.” Ze vroeg de jongeren speciaal „door te gaan om de positie van de vrouw te verbeteren.”
Het thema van de SGP-jongerendag was „Zeggen wat je denkt”; over een verantwoord gebruik van de vrijheid van meningsuiting. In een manifest dat werd gepresenteerd benadrukken de jongeren dat burgers en media een grote eigen verantwoordelijkheid hebben bij de manier waarop ze hun visie en eigen mening naar voren brengen.
De overheid moet van de jongeren duidelijker regels stellen voor de publieke omroep en die handhaven. „Ondanks de zelfregulering is er op de Nederlandse televisie veel te zien en te horen dat schadelijk is”, zo staat in het manifest. Verder zou er een onafhankelijke instantie moeten komen die klachten over uitingen in de media beoordeelt en zo nodig beboet.
Ref.Dagblad 20-03-10






