Addy de Jong
Het was eind 2006 een mooie vondst van informateur Wijffels. Wetend dat voor een goede coalitie onderling vertrouwen van eminent belang is, besloot hij eerst maar eens te investeren in de persoonlijke verhoudingen tussen Balkenende, Bos, Rouvoet en de anderen. In de ontspannen setting van het landelijke Beetsterzwaag kregen de onderhandelaars de gelegenheid elkaar beter te leren kennen.
Die benadering wierp vruchten af. Na deze diepte-investering sloten CDA, PvdA en ChristenUnie in niet al te lange tijd een akkoord. Nederland had weer een regering. Een regering waaraan voor het eerst sinds mensenheugenis een orthodox-christelijke partij deelnam.
Dat laatste riep hier en daar wel vragen op. Maakte zo'n partij van scherpslijpers de coalitie niet uiterst kwetsbaar? Zouden Rouvoet en Slob het kabinet niet bij de eerste de beste ethische hobbel meteen in de gevarenzone brengen?
Die vrees blijkt na twee jaar ongegrond. Het omgekeerde lijkt eerder het geval. Waar het in Beetsterzwaag gegroeide vertrouwen tussen CDA en PvdA inmiddels door tal van incidenten –ontslagrecht, Irakonderzoek, AOW-conflict– is verdampt, was het in de achterliggende jaren niet zelden de ChristenUnie die de coalitie uit de penarie hielp. Hetzij door zich in een voor haarzelf aangelegen kwestie, zoals de embryoselectie, constructief op te stellen, hetzij door actief te bemiddelen tussen de kemphanen CDA en PvdA.
Dé kwetsbare plek van Balkenende IV is niet de aanwezigheid van een Bijbelgetrouw partijtje, maar de altijd weer moeizame verhouding tussen christendemocraten en sociaaldemocraten.
Waar en wanneer CDA en PvdA ook samenwerkten, hartelijk ging het er tussen die twee zelden of nooit aan toe. Waar de christendemocraten met de VVD gewoonlijk gemakkelijk tot zaken kwamen, verliep het regeren met de PvdA meestal stroperig en stroef.
Het sterkste voorbeeld is de 'samenwerking' tussen Van Agt en Den Uyl. Waar zij maar konden, katten zij elkaar af en leverden zij elkaar streken.
Zó slecht ging het in de persoonlijke omgang tussen Lubbers en Kok niet. Maar ook hun samenwerking, in het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw, kenmerkte zich door veel problemen en gedoe.
En dan Balkenende en Bos. Dat zij elkaars vrienden niet zijn, kan voor iedereen duidelijk zijn. Zie alleen al beider lichaamstaal als ze gezamenlijk een persconferentie geven. Zelden kijken ze elkaar recht in de ogen. Sinds de dramatisch verlopen formatie van 2003 is hun verhouding nooit meer soepel geworden. En Balkenendes verwijt „U draait, u liegt” in de campagne van 2006 kán door Bos eenvoudigweg niet worden vergeten.
Dat zij desondanks al ruim twee jaar samenwerken, is door de omstandigheden gedwongen. Een andere coalitie was in 2006 niet mogelijk. De ongunstige peilingen van de achterliggende maanden én de bemiddelende rol van de ChristenUnie houden het tweetal bij elkaar.
Oppervlakkig bezien was het staatssecretaris De Vries die het deze week gevonden compromis over de Joint Strike Fighter (JSF) in scène zette. De oplossing die de De Vries woensdagavond, aan het eind van het eerste debat, uit de hoge hoed toverde –het besluit over de aanschaf van testtoestellen in stukjes opknippen–, was immers nagenoeg gelijk aan de motie die PvdA, CDA en ChristenUnie donderdagavond gezamenlijk indienden? „U hebt deze motie geschreven”, schamperde Halsema toen.
De GL-leider had echter ongelijk. Wat donderdagavond als het ei van Columbus werd gepresenteerd, werd immers dinsdag na Pasen al door De Telegraaf beschreven als het toen reeds gesmede compromis? De uitweg uit de impasse was dus al anderhalve week voorhanden. Dat hij desondanks niet werd aangegrepen, was omdat de PvdA er bij nader inzien toch niet aan wilde. Tot zij er deze week door machtsvertoon van Balkenende toch toe werd gedwongen.
Daardoor kan de coalitie nu met een opgelucht gevoel het meireces in. Dankzij een oplossing die voor een belangrijk deel afkomstig is niet van het CDA, niet van de PvdA, maar van de ChristenUnie.
De partij die van de coalitiepartners het minst bang hoeft te zijn voor nieuwe verkiezingen, redde andermaal het kabinet. Deze partij blijkt na twee jaar niet alleen een stabiele, maar zelfs een stabiliserende coalitiepartner te zijn.
Ref.Dagblad 25-04-09






