door Peter Bergwerff
Het komt vaker voor, maar uitzonderingen blijven het: christelijke boeken die zich een plaats verwerven in de wekelijkse lijst van best verkochte boeken van de New York Times. Dit voorjaar lukte het twee auteurs door te dringen in de top van deze bestsellerlijst van hoger opgeleid en liberaal Amerika. Hun boeken gaan onverbloemd over God. Raken ze een religieuze snaar? Of misschien zelfs een postmoderne zenuw? Binnenkort kan ook Nederland zich een oordeel vormen.
Het gaat over twee naar vorm en inhoud geheel ongelijksoortige boeken. The Shack ('De hut') van William P. Young is een roman. Tim Kellers The Reason for God (letterlijk: 'De reden voor God') is non-fictie. Hoewel het knap gecomponeerd en toegankelijk geschreven is, is het niet van de eenvoudigste soort.
Het kan toevallig zijn dat beide boeken zo'n groot publiek aanspreken. Een publiek van ook, en misschien zelfs voorál, niet-christenen overigens. De verkoopcijfers van de enkele duizenden christelijke boekhandels in de VS telt de New York Times namelijk niet mee. Maar misschien is er meer aan de hand dan alleen een samenloop van omstandigheden.
Christelijk geloof voor welwillende sceptici
Timothy Keller is de in orthodox-christelijke kringen zeer bekende voorganger van Redeemer Presbyterian Church in Manhattan, New York, die elke zondag zo'n vijfduizend - voornamelijk jonge, hoogopgeleide - kerkgangers trekt. The Reason for God is zijn eerste boek. Het werd uitgegeven door uitgeverij Penguin. Dat is opvallend, omdat die zich normaliter verre houdt van religieuze uitgaven en daar ook geen aparte afdeling voor in huis heeft. Het boek bereikte in juni de zevende plaats van de non-fictiesectie van de New York Times .
Kellers boek is een verdediging van het christelijk geloof. Maar anders dan menige andere auteur uit de apologetische traditie in de Verenigde Staten, probeert hij in de huid van seculiere (en christelijke) sceptici te kruipen. Hij slaagt erin met hen mee te denken en hun vragen ook existentieel mee te voelen. Die opstelling weerhoudt hem er niet van hun antwoorden te ontmaskeren als uitingen van evenzeer een 'geloof'.
Het is een knap geschreven boek dat indruk maakt. Het zou een grote rol kunnen spelen in de wijdvertakte Bijbelstudie-, kleine groepen- en andere-kringencultuur van dit moment. Maar ook daarbuiten: in persoonlijke studie bijvoorbeeld, in het onderwijs en voor groepen van iets oudere kerkelijke catechisanten.
Er wordt, hoezeer hij er zelf metterdaad wars van is, wel eens wat gedweept met Keller. Hij zou bijvoorbeeld een nieuwe Calvijn zijn. En predikanten trachten soms op de kansel zijn karakteristieke zinswendingen in het Nederlands na te apen. Dat kan irritatie oproepen en dat is jammer. Zeker als dat ertoe zou leiden dat zijn boek, waarvan volgende week een Nederlandse vertaling verschijnt, ongelezen blijft. In jaren is er niet zo'n heldere bespreking en overtuigende weerlegging verschenen van de traditionele bezwaren die tegen het christelijk geloof plegen te worden aangevoerd en die ook in het actuele maatschappelijke debat in ons land voortdurend weer de kop opsteken.
God de Vader als een Afro-Amerikaanse vrouw
William P. Young was tot voor kort een onbekende vertegenwoordiger voor een technische firma in Portland in de noordwestelijke deelstaat Oregon. Dagelijks reisde hij met een forensentrein bijna drie uur naar en van zijn werk en sinds 2005 gebruikte hij die tijd om zijn gedachten onder woorden te brengen over God. Zijn vrouw had hem ertoe aangespoord en dat niet zomaar. Zij wilde graag dat hij op die manier hun zes kinderen deelgenoot zou maken van de moeizame worsteling die haar man jarenlang met zijn geloof en met de God van zijn geloof had gevoerd. William Young had als zoon van een zendelingenechtpaar op het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea een traumatische tijd doorgebracht. Tweemaal werd hij er verkracht: de eerste keer door leden van de stam waaronder zijn ouders werkten en later ook nog eens op de zendingsschool waar hij studeerde.
De bedoeling was een bundeltje A4'tjes, maar het werd een boek van 248 pagina's. Want Young besloot geen exposé op papier te zetten, maar een verhaal te vertellen. Over een ontmoeting met God. Net als Young zelf werd de hoofdpersoon, Mack, geobsedeerd door een diep traumatische ervaring: de moord op zijn jongste dochtertje. Die zet zijn tot dan toe gezapige verhouding met God op scherp. De eeuwenoude vraag: als God zo machtig en goed is, waarom doet Hij dan niets aan het kwaad en het lijden in de wereld?, gaat zijn leven beheersen.
Dit thema is in de loop der tijd veelvuldig uitgediept. Maar Youngs roman neemt een opvallende, zo niet bizarre wending wanneer hij Mack vervolgens een uitnodiging laat krijgen om het volgende weekend naar de verlaten hut te komen, waar ooit de bloedige bewijzen van de moord waren aangetroffen. Het briefje is ondertekend door 'Papa', de vertrouwelijke naam waarmee zijn vrouw God pleegt aan te spreken. In de hut ( The Shack ) ontmoet Mack inderdaad God drie-enig, in de gedaanten van een lange Afro-Amerikaanse vrouw die zich voorstelt als Papa , een tengere Aziatische vrouw, Sarayu , als de Heilige Geest, en Jezus die de gestalte van een Joodse timmerman heeft.
Het boek beschrijft het weekend dat Mack samen met hen in de hut doorbrengt en waarin hij gaandeweg verlost wordt van het beeld van God als de opzichter op de naleving van zijn geboden. Mack leert zijn eigengerechtigheid doorgronden en Papa bevrijdt hem van de dingen die zijn hart verduisteren: de haat tegen zijn vader, zijn afkeer van de God die toeliet dat Missy werd vermoord en zelfs zijn diepe woede en haat tegen haar moordenaar.
Van The Shack ( dat eind volgende maand bij uitgeverij Kok in Kampen in Nederlandse vertaling verschijnt onder de titel De Uitnodiging) , zijn in de Verenigde Staten inmiddels meer dan een miljoen exemplaren gedrukt. Het stond enige tijd nummer 1 in de fictiebestsellerlijst van de New York Times.
Tegen de inhoud van The Shack zijn Bijbelse bedenkingen aan te voeren. Verdraagt de tekening van God zich met het tweede gebod? Is de presentatie van de drie-eenheid niet modalistisch (God is één Persoon in drie gedaanten), roept het boek niet het beeld op van een eenzijdig lieve of zelfs lievige God ( Papa strijkt Mack regelmatig zachtjes over de wang spreekt hem aan met 'lieveling')? Wordt er - nota bene uit de mond van Papa - geen karikatuur geschapen van de kerk en gaat er niet de suggestie van alverzoening van uit? Critici in de Verenigde Staten hebben er inmiddels websites over vol geschreven.
Het boek is hier en daar op z'n minst onduidelijk. Maar het is de vraag of men het recht doet door het te benaderen als een theologisch exposé. Dat is het namelijk niet en wíl het ook niet zijn. Het is een parabel, een gelijkenis, zo men wil. En daarbij gaat het niet om de juistheid van het beeld, maar om de boodschap.
Een voorbeeld. De wijze waarop Young God tekent, is natuurlijk bizar. Maar als tegengif tegen het onjuiste, maar door velen bewust of onbewust aangehangen beeld van God als een blanke man, heeft het een goede functie. De Bijbel zelf gebruikt soms ook voor God het beeld van een moeder. Overigens treedt verderop in het boek Papa ook als een mannelijke figuur op (omdat God op dat moment zich als Vader aan Mack wil tonen).
Jezus voorbijlopen door zijn regels te volgen
Door beide boeken, hoe ongelijksoortig ook, loopt eenzelfde rode lijn, die in dit postmoderne tijdperk van zelf doen, van individuele zelfverwerkelijking als ultiem ideaal, wel eens het juiste woord op het juiste moment zou kunnen zijn. En die wel eens een verklaring zou kunnen zijn voor de grote aantrekkingskracht ervan op doenerige christenen en op stukgelopen niet-christenen.
Die lijn is: zonde is ten diepste je hoop vestigen op jezelf en je eigen morele prestaties. Ook christenen kunnen daar wat van: je Verlosser voorbijlopen door je krampachtig aan alle Bijbelse regels te houden. Jezelf redden door uit religieuze beloningsdrang ijverig 'Jezus na te volgen'. Of juist, zoals Mack, door God in hautaine onafhankelijkheid feitelijk te negeren. Het is - om met Keller te spreken - 'gechristianiseerde religie', want religie is zelf doen.
Maar het evangelie wil het tegendeel zijn van religie. Het is een relatie. Een relatie van liefde tussen God en mens, waarin deze zijn onafhankelijkheid opgeeft en voor de Ander gaat leven. En waarin hij zo als het ware deel krijgt aan de wederzijdse 'interne' liefdesrelatie die de drie-enige God al van eeuwigheid kent.
Volgende week verschijnt bij Uitgeverij Van Wijnen in Franeker een Nederlandse vertaling van Kellers boek onder de titel In alle redelijkheid, Christelijk geloof voor welwillende sceptici . (304 blz., € 19,95). Uitgeverij Kok in Kampen brengt over een maand een vertaling van The Shack op de markt. De titel daarvan luidt: De uitnodiging (288 blz., € 18,95). Tim Keller, schrijver van The Reason for God .
Ned.Dagblad 15-09-08






