Beurzen in heel Europa doken gisteren diep in het rood, overheden moesten ingrijpen om banken van de ondergang te redden, en centrale banken steunden banken door opnieuw honderden miljarden dollars in de geldmarkt te pompen.
De AEX, graadmeter van de belangrijkste beursfondsen in Amsterdam, verloor bijna negen procent, het grootse dagverlies sinds 1986, en sloot op 323,55 punten. De hardste klappen vielen bij de banken en verzekeraars. ING moest achttien procent terug, SNS Reaal bijna negentien procent en Aegon bijna vijftien procent. Bouwer BAM, staalconcern ArcelorMittal en de uitzenders leverden meer dan tien procent in.
Ook Fortis noteerde wederom een zwaar verlies, ruim 23 procent, en is nu sinds begin dit jaar al driekwart van zijn beurswaarde kwijtgeraakt.
De aankondiging zondagavond van een gedeeltelijke nationalisatie door de overheden van Nederland, België en Luxemburg bracht beleggers niet tot bedaren. Tezamen nemen de drie landen voor elf miljard euro een belang van 49 procent in Fortis Bank, waarvan Nederland voor vier miljard in Fortis Bank Nederland.
Bij de opening van de beurs leek het reddingsplan voor Fortis nog aan te slaan, maar al snel keerde het tij en zakte het aandeel diep in de min. Fortis trok de rest van de beurs vervolgens mee naar beneden. Ook elders in de wereld kleurden de beurzen dieprood; Brussel, Parijs en Londen verloren meer dan vijf procent, elders bleven de verliezen beperkt tot enkele procenten. Analisten spraken van 'een slachting'.
De Tweede Kamer debatteert waarschijnlijk woensdag over de nationalisatie van Fortis. De meeste fracties staan achter het besluit to overheidsingrijpen, maar er zijn nog veel vragen, bijvoorbeeld over het lot van ABN Amro dat verkocht gaat worden door Fortis.
Nout Wellink, president van De Nederlandsche Bank (DNB) reageerde onthutst op de heftige koersdaling van Fortis. ,,Gezond verstand zegt me dat aandelen zouden moeten stijgen als nationale overheden van drie gezonde landen een bank redden', aldus de bankpresident tegenover persbureau Reuters. Wellink was een van de hoofdrolspelers in de onderhandelingen over het reddingsplan voor Fortis dat afgelopen weekeinde tot stand kwam.
Fortis was gisteren niet de enige bank die van de ondergang gered moest worden. Overal in Europa grepen overheden hard in om financiële instellingen uit de brand te helpen. De Duitse kredietbank Hypo Real moest door een consortium van branchegenoten overeind gehouden worden en in IJsland nam de overheid een belang van 75 procent in de noodlijdende bank Glitnir. De Britse hypotheekbank Bradford en Bingley komt eveneens grotendeels in staatshanden. Daarmee is de bank na hypotheekbank Northern Rock het tweede genationaliseerde Britse slachtoffer van de kredietcrisis.
Ned.Dagblad 29-09-08






