Van onze verslaggever Ayolt de Groot
AMSTERDAM - De angst voor deflatie in de VS ebt weg. Beleggers in Amerikaanse staatsobligaties houden sinds een paar weken weer rekening met een stijging van het prijspeil, in plaats van met een daling.
De eerste indicatoren wijzen erop dat het gevaar van deflatie is geweken. De producentenprijzen in de VS stegen in januari onverwacht met 0,8 procent, de eerste toename in vijf maanden. Brandstofprijzen stegen zelfs met 15 procent: volgens analisten een teken dat de daling van de energieprijzen de bodem heeft bereikt.
De zorgen over deflatie namen de afgelopen maanden toe. Langdurige prijsdalingen zijn desastreus voor de economie, omdat consumenten de hand op de knip houden als ze verwachten dat producten in de toekomst goedkoper zullen worden. 'Voor economisch herstel kun je beter inflatie hebben dan deflatie', zegt Sep van de Voort, econoom bij SNS Securities.
Een goede voorspeller voor de toekomstige inflatie is het verschil tussen de rente op normale staatsobligaties en de rente op staatsobligaties die voor inflatie zijn geïndexeerd (zie grafiek). Dit verschil is in 'normale tijden' positief: beleggers eisen dan een hogere rente op hun normale obligaties, omdat zij compensatie willen voor een stijging van het prijspeil. Bij staatsobligaties die gecorrigeerd worden voor inflatie, nemen beleggers genoegen met een lagere rente.
Voor de rampmaand september schommelde het verschil tussen de obligatiekoersen rond een gezonde 2 procent. Na 15 september, de dag waarop Lehman Brothers viel en de kredietcrisis in alle hevigheid losbarstte, begonnen de renten naar elkaar toe te bewegen. Door instortende olie- en voedselprijzen, en de vrees voor een langdurige recessie, kwam de rente op normale staatsobligaties onder de rente op inflatiegeïndexeerde staatsobligaties te liggen. Beleggers hielden rekening met prijsdalingen tot 1 procent. Sinds een aantal weken is het verschil tussen de renten weer positief en houden beleggers opnieuw rekening met inflatie.
Lage, stabiele inflatie is goed voor de economie. Maar als de prijsstijgingen doorzetten, kan dat een probleem opleveren voor de centrale bank. De Fed heeft de afgelopen maanden onbeperkt geld in de economie gepompt. Ze hoefde zich geen zorgen te maken om inflatie, omdat de prijzen almaar daalden. Als de inflatie echter stijgt en de economie aantrekt, moet al dit overtollige geld weer worden vernietigd. Anders is torenhoge inflatie het gevolg.
Volkskrant 25-02-09






