door onze redacteurPeter Sneep
Zes 'pelgrims' in middeleeuwse kleding zijn gisteren uit Aduard vertrokken voor een voetreis van drie weken naar Aken. Ze lopen om geld op te halen voor onderzoek naar de ziekte MS. De pelgrimage begon met een gebedssamenkomst. 'Elke luxe kan je tot last zijn.'
ADUARD - ,,Johan is erg ver achtergebleven. Moeten we niet op hem wachten?'', zegt Reinier Michiels. Reisgenote Fabiën Bruine de Bruin vindt dat niet nodig. ,,Dit is het tempo waar hij zich goed bij voelt. Als we straks verder lopen, loopt hij meteen weer achter.''
Zes 'pelgrims', twee vrouwen en vier mannen in middeleeuwse kleding, zijn gisteren uit het Groningse Aduard vertrokken voor een voetreis van drie weken naar Aken. Alle zes zijn liefhebbers van de middeleeuwen en ze zijn lid van middeleeuwse verenigingen.
Reinier Michiels (38) koestert de wens om deze reis te ondernemen al lange tijd. ,,Ik was een aantal jaren geleden met mijn vrouw in de Dom in Aken. Daar staat een marmeren troon van Karel de Grote. Volgens de overlevering is het marmer afkomstig van het wegdek waarover Jezus liep toen hij naar Golgota ging. Middeleeuwers dachten dat je zonden werden vergeven als je onder de troon door kroop. Toen de gids in Aken dat vertelde, ontstond ineens het plan voor deze reis.'' Hij vertelde zijn vriend Jan-Simon Hoogschagen over zijn plan. Die was meteen enthousiast. ,,In januari 2007 hebben we een oefenwandeling gemaakt. Die ging goed. We hebben toen besloten in de zomer van 2008 de reis te maken.''
Dat Aduard het beginpunt van de reis is, is niet verwonderlijk, zegt Michiels. ,,In de middeleeuwen stond in Aduard het grootste klooster van Noord-Nederland. Het heeft grote invloed gehad op de ontwikkeling van Groningen, Friesland en Drenthe.''
Het is voor de lopers een voordeel dat Aduard niet ver van het Pieterpad ligt. Michiels: ,,Met onze nagemaakte middeleeuwse schoenen kun je niet goed op verharde wegen lopen. Het Pieterpad is voor een groot deel onverhard. Dat is prettig voor ons. Gras en zand hebben dezelfde veereigenschappen als een moderne schoenzool.''
De zes lopen 'met palster ende scerpe', ofwel met staf en tas, de reisattributen van pelgrims. ,,Had iemand die bij zich, dan wist de middeleeuwer meteen dat het om een pelgrim ging. Dat bood voordelen, want als een pelgrim ergens aanklopte om onderdak, moest hij gastvrij onthaald worden.''
Pelgrimsbrief
Dat is nu wel anders. ,,We hebben de route gepland en we weten al precies waar we gaan slapen. Je kunt niet meer zomaar ergens aanbellen.''
Dat kon in de late middeleeuwen ook niet meer, omdat de maatschappij door oorlogen was verhard. ,,Pelgrims moesten in die tijd een pelgrimsbrief laten zien als ze onderdak wilden. Wie bijvoorbeeld in Frankrijk deed alsof hij pelgrim was, maar geen pelgrimsbrief kon laten zien, werd voor straf galeislaaf op een galjoen'', weet Michiels.
Elke 'pelgrim' heeft een veldfles met water bij zich. In de tas van Michiels zit brood, fruit en een mobiele telefoon. ,,Zo'n telefoon hoort eigenlijk niet hè? Maar je kunt niet gaan slepen met iemand die niet meer verder kan. We hebben een begeleidingsgroep, die onze spullen van het ene nachtadres naar het andere brengt. Als er iets gebeurt, moet ik de begeleidingsgroep of 112 kunnen bellen.''
De zes reisgenoten zijn niet (meer) christelijk. Ze hebben dan ook geen religieus doel met hun tocht. Ze willen ervaren hoe het is om zo'n tocht te organiseren en om aandacht te vragen voor het middeleeuwse erfgoed. ,,De kennis en de kunst van mensen uit de middeleeuwen wordt vaak onderschat'', zegt Jan-Simon Hoogschagen. ,,Bij ambachtslieden zat enorm veel kennis. Veel daarvan is verloren gegaan en wat zij konden, kunnen wij niet meer.'' Een ander doel van de pelgrimsreis is het ophalen van geld voor de stichting MS-research. ,,Multiple Sclerose is een onbekende ziekte. Het bizarre is, dat bijna iedereen wel iemand kent in vriendenkring of onder familieleden die de ziekte heeft'', zegt Michiels.
Godsbeeld
De tocht begon gisterochtend met een korte kerkdienst in de eeuwenoude hervormde kerk van Aduard, de vroegere ziekenzaal van het klooster. ,,Mensen in de middeleeuwen gingen altijd eerst naar de kerk voordat ze op pelgrimsreis gingen. Daarom hoort die afscheidsdienst er voor ons ook bij'', zegt Jan-Simon Hoogschagen. Reinier Michiels beaamt dat. ,,Pelgrimeren had voor de middeleeuwer ook een uitbeelding van het proces van het achter je laten van de wereld. Wij kunnen dat nauwelijks meer begrijpen, want het Godsbeeld van die mensen is niet te vergelijken met het onze.''
Voorganger Ada Meerse vond in een hervormd dienstboek een liturgie voor 'een gebedssamenkomst voor de reizende'. Die bestaat uit gebeden, het lezen van Psalm 121 en 134 (pelgrimsliederen) en het zingen van gezang 441 uit het Liedboek voor de Kerken. De dienst heeft Michiels ontroerd en ook Fabiën Bruine de Bruin is onder de indruk. ,,In het lied dat we zongen, staat dat elke luxe je tot last kan zijn. Daar had ik niet eerder bij stilgestaan.''
De kerkklok blijft luiden tot de pelgrims aan de rand van het dorp afscheid hebben genomen van hun dierbaren.
Zie ook www.palster-scerpe.nl
Ned.Dagblad 15-07-08






