HAAKSBERGEN - Johan Lammers en Johan Rupert uit Haaksbergen waren onlangs in Roemenië. Ze gingen niet op vakantie naar het Oost-Europese land, maar probeerden met hun hulp het leed van de arme Roemenen enigszins te verlichten.
Lammers en Rupert waren met Klaas Kerstholt van de stichting Kleine Kracht uit Hengelo in het zogeheten Roemeens-Moldavië. "Dat is een provincie in Roemenië, die grenst aan Moldavië. Moldavië maakte vroeger deel uit van de voormalige Sovjet-Unie. In Roemeens-Moldavië wonen Roemenen en Moldaviërs", legt Rupert uit. Lammers en Rupert werden niet vrolijk van datgene wat ze zagen in het gebied dat in het noorden aan de Oekraïne en in het oosten aan Moldavië grenst. "Er heerst onvoorstelbare armoede. Al snel werd ons duidelijk hoe uitzichtloos het bestaan van deze mensen in de zogenaamde modderdorpen is. Er is nagenoeg geen industrie en dus geen werkgelegenheid. Er zijn geen bossen waardoor brandhout voor in de kachel tijdens de winters ontbreekt", constateerde Rupert. De Tukkers brachten een bezoek aan Mitoc, een dorp aan de oostgrens met Moldavië. "Het uitgestrekte land is na de val van dictator Ceausescu in 1989 privébezit geworden van boeren. Het grootste deel van de schrale grond wordt echter niet gebruikt. De boeren - met vaak maar één koe en soms één of twee paarden en enkele varkens - hebben geen geld voor bemesting en landbouwwerktuigen. Aardappelteelt is niet mogelijk. De mensen eten er maïs." Rupert en Lammers zetten zich in voor Kleine Kracht. Dat is een stichting die hulptransporten met kleding, beddengoed, incontinentiemateriaal, pallets met meel, olie en conserven, wasmiddelen, handdoeken, speelgoed, servies, pannen en bestek naar dominee Sandu stuurt. Sandu zorgt ervoor dat de hulpgoederen op de goede plek terechtkomen. "Er is nog lange tijd veel hulp nodig voor deze arme bevolking in Roemeens-Moldavië. Die streek wordt door de regering in Boekarest vergeten. We zijn ook nog bij een arm gezin geweest met vijf kleine kinderen. Die wonen in een lemen huisje zonder stroom en water. We hebben daar voor de eerste nood kleding, meel, olie en conserven achter gelaten. Maar eigenlijk moet het gezin een nieuw huis hebben. We zijn meer van dit soort trieste situaties tegengekomen", aldus Rupert, die hoopt dat meer Haaksbergenaren zich het lot van deze arme Roemenen aantrekken.
de Haaksberger Koerier 14-04-10






