column/Valentijn van Nieuwenhuijzen
Sinds het begin van de kredietcrisis zijn er veel dingen gebeurd die niet voor mogelijk werden gehouden. De huizenprijzen bleken ook te kunnen dalen, risicobeoordelingen bleken de plank volledig te kunnen misslaan en staatsobligaties bleken toch niet geheel vrij van risico's te zijn.
Crisis
De zich voortslepende financiële crisis heeft ons allemaal geleerd dat de bestaande economische beleidsinstrumenten niet almachtig zijn als het gaat om het dempen van de economische cyclus en het voorkomen van schokken die het systeem destabiliseren. Kort gezegd zijn we ruw wakker geschud uit de droom van de 'Grote Stabilisatie' van het economische systeem en bevinden we ons nu in een 'Nieuwe Werkelijkheid' met een lagere en veel volatielere groei.
Fasen
Als gevolg van dit alles hebben beleidsmakers, academici en andere commentatoren de afgelopen drie jaar diverse fasen van ongeloof en verwarring doorlopen. Vaste overtuigingen moesten worden bijgesteld en er moest in hoog tempo nieuwe theorievorming plaatsvinden en nieuw beleid worden ontwikkeld om de slechtst denkbare uitkomsten te voorkomen. Nu we in de nieuwe realiteit zijn aanbeland, zijn velen nog duizelig of uitgeput van de reis.
Antwoorden
Daarom is het niet eens zo verrassend dat beleidsmakers steeds minder bereid zijn om gedetailleerde, complexe antwoorden te formuleren op de moeilijke vragen die de huidige schuldencrisis opwerpt. Gezien de nog altijd zeer precaire toestand van het mondiale economische systeem brengt een simplistische aanpak echter grote risico's met zich mee. Ze kunnen leiden tot onnodig hoge kosten van het oplossen van de schuldenproblemen en een ernstige verslechtering van de vooruitzichten voor groei.
Schulden verminderen
Als iedereen in de economie zijn schulden probeert terug te dringen en tegelijk zijn bestedingen beperkt, is het enige wat zal gebeuren dat de vraag zal dalen, de economie zal krimpen en inkomens zullen kelderen. Met als gevolg dat de onevenwichtigheden niet zullen verminderen. Een van de meest zorgwekkende gevolgen van de doormodderende financiële crisis is de toenemende overtuiging dat de enige weg vooruit is dat iedereen met schuld tegelijk de broekriem moeten aanhalen. Dat werkt echter alleen als degene zonder schulden bereid zijn het niveau van de totale bestedingen op peil te houden. Gebeurt dat niet, dan is een nieuwe recessie waarschijnlijk.
Groei?
In de hoop dat het laatste scenario kan worden voorkomen, hebben sommigen opgemerkt dat overheidsbezuinigingen tot economische expansie zullen leiden vanwege een verbetering in sentiment in het bedrijfsleven. De geschiedenis wijst echter uit dat bezuinigingen alleen tot snellere groei leiden als ze gepaard gaan met dalende risicopremies in lokale markten voor staatsobligaties, een sterke devaluatie van de munt, een groeiende externe vraag of een combinatie van deze elementen. Een scherpe verbetering van het vertrouwen van bedrijven zonder dat zich een of meerdere van deze ontwikkelingen voordoen, is zelden waargenomen.
Bezuinigen
Voor veel landen die al bezuinigingen doorvoeren of overwegen lijkt het moeilijk om zelfs maar één van deze vliegwielen aan het draaien te krijgen. Getraumatiseerd door de Griekse tragedie stellen veel beleidsmakers dat niet alleen Griekenland onmiddellijk moet bezuinigen, maar ook economieën die geen acute financieringsrisico's lopen of zware druk vanuit de obligatiemarkten ondervinden.
De lange termijn
De sterkere 'kern' van Europa valt in deze categorie, maar ook het Verenigd Koninkrijk, Japan en de Verenigde Staten. Al deze landen hebben grote lange termijn uitdagingen voor hun overheidsfinanciën, maar deze houden voornamelijk verband met demografische trends en de daaraan gerelateerde kosten van de gezondheidszorg en het pensioenstelsel. De grote begrotingstekorten waarmee veel landen op dit moment te kampen hebben, zijn voornamelijk het gevolg van de grootste recessie sinds de Grote Depressie en het bijzonder zwakke herstel dat erop is gevolgd.
Bestedingen
Tegelijkertijd zijn veel bedrijven, vanwege een gebrek aan vertrouwen in het toekomstige vraagniveau, niet bereid om hun bestedingen op te voeren. Als overheden niet bereid zijn om de economie op de korte termijn te ondersteunen, is het daarom zeer onwaarschijnlijk dat de groeivooruitzichten miraculeus zullen verbeteren, tenzij het bezuinigingssprookje deze keer géén sprookje blijkt te zijn.
Bezuinigingssprookje
De meest realistische beleidskoers is daarom om niet te rekenen op een bezuinigingssprookje, namelijk dat bezuinigingen tot economische expansie leiden, maar om stimuleringsmaatregelen voor de korte termijn te combineren met een geloofwaardige herstructurering van de gezondheidszorg- en pensioenregelingen met duurzame lange termijn effecten. Door te geloven in het vertrouwenssprookje en te bidden dat bedrijven met een goed gevulde kas personeel zullen aannemen en hun investeringen zullen verhogen omdat ze bezuinigingen toe juichen, stijgt het risico dat deze overheden hun eigen staart gaan najagen. Dit lijkt al te zijn gebeurd in Griekenland en het Verenigd Koninkrijk, waar de zware bezuinigingen de binnenlandse economie zo hebben ondergraven dat de overheidsinkomsten sterk zijn gedaald en de doelstellingen voor begrotingstekorten niet zijn gehaald.
Vooruitzichten niet rooskleurig
Ondertussen zijn de vooruitzichten voor de Verenigde Staten en de eurozone ook niet al te rooskleurig. Ondanks het teleurstellend zwakke herstel dat deze regio's tot dusver hebben laten zien, draait het debat over het begrotingsbeleid uitsluitend om de omvang van de te realiseren kortetermijnbezuinigingen en niet om de vraag of er überhaupt wel op de korte termijn moet worden bezuinigd. Zoals hierboven is opgemerkt, staan al deze economieën voor grote uitdagingen op de lange termijn, maar die uitdagingen moeten worden aangegaan met langetermijnmaatregelen die de economische groei in de komende twaalf tot achttien maanden niet te veel ondermijnen. Aangezien dit onvoldoende gebeurt, zijn de risico's voor de korte termijn gestegen. Laten we hopen dat beleidsmakers op tijd ophouden in sprookjes te geloven, zodat een nieuwe economische vertraging kan worden voorkomen. Op dit moment is hoop echter alles wat we hebben, want de feiten wijzen niet in die richting.
Valentijn van Nieuwenhuijzen (ING Investment Management)
RTL Z 03-08-11






