door Philip van den Berg
Homoseksualiteit ligt gevoelig in de ChristenUnie en daarom beraadslaagt de commissie-Cnossen nu over een gedragscode voor bestuurders en politici van de ChristenUnie. Maar eigenlijk liggen de conclusie en het advies van de commissie-Cnossen al vast, meent Philip van den Berg, evangelisch christen en lid van de CU.
Morgen komt de werkgroep 'Evangelischen' van de ChristenUnie bijeen om een bijdrage te leveren aan de commissie-Cnossen. Die commissie moet in de zomer 2008 met een advies komen over de vraag, of en hoe de ChristenUnie haar bestuurders en politici kan aanspreken op hun gedrag en leefwijze. Vertegenwoordigers uit de landelijke politiek en het landelijk bestuur zullen morgen bij het overleg aanwezig zijn.
De afgelopen periode 'moesten' verschillende landelijke CU-vertegenwoordigers duidelijk hun mening ventileren in de media. Toevallig handelde het telkens over 'het debat' dat door mevrouw Lont is ontvlamd. Dit leidde tot allerlei reacties in de partij, de maatschappij en de media.
Hoewel de discussie zich sterk richt op het thema 'homofilie en bestuur', is het verstandig om alles in een breder perspectief te plaatsen. Hiervoor is de commissie-Cnossen in het leven geroepen. Het opstellen van een dergelijke gedragscode is een goed initiatief. Het is vandaag de dag niet altijd eenvoudig de handen schoon te houden en niet mee te gaan in de gangbare denk- en werkwijze in onze samenleving.
Een ander wezenlijk aspect is dat de ChristenUnie de Bijbel ziet, erkent en belijdt als het Woord van God. Dat is een goede reden om onszelf niet alleen als politicus of bestuurder onder de loep te nemen. Juist als christen is het onze roeping en taak om Jezus Christus te vertegenwoordigen als ambassadeur in onze samenleving.
Bewogenheid
Daarom verdient het opstellen van een gedragscode in een breed verband alle lof en medewerking van de partij en haar leden. Hetzelfde geldt voor de werkgroep 'Evangelischen'. Haar initiatief om een zinvolle bijdrage te leveren aan het werk van de commissie getuigt van bewogenheid, betrokkenheid en verantwoordelijkheidsbesef.
Desondanks luister en lees ik, als christen uit evangelische kring, met kromme tenen naar uitspraken van de belangrijkste vertegenwoordigers van de ChristenUnie. Voorzitter Peter Blokhuis benadrukte in de aanloop van het Uniecongres, dat de partij ,,geen mensen weert uit functies op grond van hun homoseksuele gerichtheid''. Partijleider André Rouvoet onderstreepte dat standpunt meermalen in de media en op het partijcongres. ,,Ik zeg het nog maar eens in alle helderheid: de ChristenUnie sluit geen mensen uit om wie ze zijn. En we laten ons de beschuldiging van discriminatie ook niet aanleunen.''
In zijn toespraak benadrukte Rouvoet ook dat liefde de houding van de ChristenUnie moet bepalen bij het interne debat en naar buiten toe. Hij verwees daarbij naar de Unieverklaring, waarin staat dat de partij zich laat aansporen door Gods opdracht Hem en onze medemensen lief te hebben. ,,Net als de samenleving en net als de gemeente van Christus kent ook de ChristenUnie een rijke verscheidenheid aan betrokken mensen. Verscheidenheid in kerkelijke en in sociale achtergrond, in opvattingen, in kleur en óók in seksuele gerichtheid. Wat al die leden verbindt is de aanspreekbaarheid op het Woord van God.,, ( Nederlands Dagblad, 19 november 2007)
Mede door deze laatste zinsnede krijg ik persoonlijk en als vertegenwoordiger van de werkgroep 'Evangelischen', sterk de indruk dat door een fluwelen (r)evolutie de ChristenUnie het lastig vindt vast te houden aan de Bijbel en haar principes.
Natuurlijk mag wat mij betreft een homoseksueel lid worden van de ChristenUnie. Hetzelfde geldt voor jan en alleman, welke achtergrond hij of zij ook heeft. Ieder mens mag lid worden van een partij als de ChristenUnie.
Verslaafde
Alleen kan niet iedereen optreden als 'ambassadeur' van de ChristenUnie in de samenleving. Dat hangt af van de levensstijl die iemand er op nahoudt. Dit geldt zowel voor een fraudeur, een verslaafde en een homoseksueel als voor iemand die zijn gezin intimideert, zijn kinderen mishandelt of misbruikt.
Want het ambassadeur van Christus zijn heeft betrekking op alle relaties en verbanden binnen onze samenleving. Het Woord van God heeft niet alleen betrekking op 'de zondag', maar behoort verweven te zijn in ons dagelijks leven en in onze persoonlijke relatie met Hem.
Mijn voorlopige conclusie is, dat de komende tijd vriendelijk en beleefd geluisterd wordt naar de werkgroep 'Evangelischen', maar dat de kogel al door de kerk is. Een dergelijke bijeenkomst fungeert mijns inziens meer als een doekje voor het bloeden. Ik zal daarom niet vreemd opkijken wanneer over een niet al te lange tijd er bestuurders en politici rondlopen die een relatie onderhouden met iemand van hetzelfde geslacht en die tevens de ChristenUnie vertegenwoordigen. Een vorm van 'tunnelvisie', ook bij de huidige leiders van de ChristenUnie, leidt ertoe dat niet alleen de identiteit van de partij te grabbel wordt gegooid, maar eveneens het voortbestaan van de partij.
Bijbelgetrouw
Dat is een trieste en pijnlijke constatering. Zeker nu de CU als politieke partij geïnvesteerd heeft in haar relatie met de leden en de vertegenwoordigers van evangelische en pinksterkerken, waardoor velen van hen de ChristenUnie nog zien als een Bijbelgetrouwe politieke partij.
Ik hoop en bid dat komend jaar zal blijken dat ik te ver vooruitliep op de muziek.
Philip van den Berg neemt deel aan het overleg van evangelische CU-leden met de commissie-Cnossen.
Ned.Dagblad 29-02-08






