Naast de gemeentepredikant zijn er tal van minder bekende pastors binnen en buiten de kerk. Wie zijn zij en wat is hun werk? Het Nederlands Dagblad gaat deze zomer met enkelen van hen op stap. Deze aflevering: Jos Aarnoudse, justitiepredikant in Zoetermeer.
ZOETERMEER - Het stiltecentrum in de penitentiaire inrichting Haaglanden in Zoetermeer - een bescheiden zaaltje met plastic stoelen en tralies achter de ramen - is deze zondag ingericht voor de protestantse kerkdienst.
Aan de achterwand hangt een groot houten kruis. Brandende kaarsen en een zevenarmige kandelaar op een houten tafel met groen kleed zorgen voor een intieme religieuze sfeer. Dat effect wordt versterkt door twee flinke liturgische kaarsen, een standaard met een klassieke Bijbel en twee ijzeren stellingen waarop waxinelichtjes kunnen worden geplaatst.
Voor de protestantse justitiepredikant Jos Aarnoudse (51) is het vandaag zijn derde dienst. Als zo'n 25 gedetineerden - vanwege de veiligheid mogen de groepen niet te groot zijn - onder begeleiding de zaal binnenkomen, laadt hij zich opnieuw op voor zijn taak, het brengen van het evangelie.De dienst bevat vertrouwde elementen, maar is laagdrempelig. 'Dominee Jos' - gekleed in een spijkerbroek met jasje - laat de gedetineerden kaarsjes aansteken voor personen aan wie ze willen denken. Er wordt veel samen gebeden, de pastor laat gospel- en praisesongs horen en opwekkingsliederen zingen. De kern van de dienst is een korte preek met een heldere boodschap. Aarnoudse is bezig met een project over Paulus. Dit keer gaat het over de apostel die in de gevangenis in Filippi zit. Door een aardbeving springen de deuren van de gevangenis open. De 'directeur' wil zelfmoord plegen, omdat hij vreest dat de gevangenen de benen zullen nemen. Dat zal hem straf opleveren. Paulus verijdelt dat. Hij en zijn metgezel Silas gaan midden in hun angsten bidden en zingen, wat een gedragsverandering teweegbrengt bij de gevangenen. Liefde overwint, is de boodschap. Macht niet. Aarnoudse houdt de gedetineerden voor dat God niemand afschrijft, en hij roept ze op om rust bij God te zoeken. ,,Ik ben ervan overtuigd dat niemand ten diepste op zoek is naar een vette bankrekening, een grote bek of spierballen. Iedereen zoekt een plek waar hij veilig kan zijn. Bij God is die veilige plaats.''En dan is daar dat moment, tijdens een praisesong. 'U maakte mij tot een ander mens, gaf aan mij een nieuw leven...' De gedetineerden zingen het vol overgave mee, sommigen haast in vervoering. Hun lichamen wiegen mee op het ritme van het lied.
Een paradox dringt zich op. Deze mensen zitten vast, maar lijken voor een moment...vrij. Innerlijke vrijheid? ,,Ik denk dat je God proeft'', zegt Aarnoudse na afloop, bij het koffiedrinken. ,,Vergeet niet dat de gedetineerden het grootste gedeelte van een dag in een cel zitten. Ze hebben niet zoveel gelegenheden om zich te verbinden met God en elkaar. In de dienst worden ze geraakt in hun kwetsbaarheid.''Maar je moet deze gevangenen ook niet te hoog inschatten, vindt de justitiepastor. Sommigen komen vanwege hun geloof naar de dienst, anderen zien het als een verzetje om de verveling te doorbreken, of komen om elkaar boodschappen door te geven. Hun motief maakt de pastor niets uit. ,,God weet ze toch te bereiken. Als ze binnen zijn, moeten ze hun mond houden. In de dienst heerst het Woord van God.''
Labyrint
De locatie Zoetermeer van de penitentiaire inrichting Haaglanden, langs de A12, is een modern, grijs gebouw met veel staal en glas, verstopt achter een onneembaar hek. De gevangenis is net zo'n labyrint als de grotten van Limburg. Als een volleerd gids gaat de predikant voorop door de gangen, die eentonig zijn en allemaal op elkaar lijken. De lust tot ontsnappen vergaat vanzelf. Met zijn bos sleutels opent hij deur na deur. Op zijn bescheiden kamer vertelt Aar-noudse over de bijzondere positie van de geestelijke verzorging in het gevangeniswezen. Ze valt niet onder de inrichting, maar onder de Dienst Geestelijke Verzorging van het ministerie van Justitie. Dat geeft vrijheid en dwingt tot goede relaties met het gevangenispersoneel. ,,Je runt je eigen toko.'' De justitiepredikant is bovendien 'uitgezonden' door de kerk, in zijn geval de Protestantse Kerk in Nederland.Aarnoudse doet zijn werk niet alleen. De 400 gedetineerden in Zoetermeer kunnen ook geestelijke verzorging krijgen van een rooms-katholieke pastor, een humanistisch raadsman, een imam, of een pandit, een hindoegeestelijke. ,,Als christelijke geestelijke verzorgers bereiken we zo'n 20 tot 25 procent van de gedetineerden. Met alle verzorgers zitten we op zo'n 60 procent.''Met zijn twaalfjarige ervaring als justitiepastor is Aarnoudse - die in deeltijd ook als geestelijk verzorger in een psychiatrische inrichting werkt - een veteraan. Zijn werk verschilt niet zo veel van dat van een gemeentepredikant, vindt hij. Hij belegt kerkdiensten, voert pastorale gesprekken en doet groepswerk. ,,Natuurlijk, in de gevangenis heerst een dwangsituatie. Er is frustratie en stress onder de gedetineerden, ook omdat het seksuele leven is opgeschort. Maar ook hier zijn momenten van blijdschap, rouw en trouw. Net als in een gewone gemeente.''
De justitiepastor weet niet zo goed wat hem zo aantrekt in dit werk. Een roeping vindt hij een groot woord. ,,Dit is op mijn weg gegeven. Mijn drijfveer is dat ik de liefde van God handen en voeten wil geven, door er te zijn voor mensen - dus ook voor gevangenen.'',,Veel mannen - in deze inrichting zitten geen vrouwen - denken vaak vanuit zichzelf. Sommigen willen macht uitoefenen, anderen zijn manipulatief. Ze willen een ander gebruiken, zoeken je zwakke punten op. Er kunnen hier ontzettend vervelende mensen tussen zitten. Maar ik houd voor ogen dat niemand samenvalt met wat hij heeft gedaan. Ik probeer onder al die lagen van gekwetstheid te graven. Ik zoek dat gedeelte van iemand - het kwetsbare ik - waar de liefde heerst. Daar kan God komen. Hij biedt een veilige plek waar een gevangene zichzelf onder ogen mag komen. Die stoere mannen zijn uiteindelijk kleine jongetjes die bescherming en bevestiging zoeken voor hun ware ik.''In de Zoetermeerse vestiging van Haaglanden, waar ook de inrichting in Scheveningen onder valt, zitten mensen vast voor elk denkbaar vergrijp: van fraude en doodslag tot verkrachting en pedofilie. Voelt Aar-noudse wel eens weerzin als hij tegenover een gedetineerde zit en weet die op zijn kerfstok heeft? Soms wel, geeft hij toe, maar dan valt hij terug op een professionele houding. En op het gegeven dat God niemand afwijst. ,,Ik blijf een optimist. Ik geloof in de zachte, veranderende kracht van Gods liefde. Ook voor de diepst gevallen mensen.''
Aarnoudse zegt zich niet druk te maken over het effect van zijn werk. Hij prijst zich gelukkig dat God hem vruchten laat zien. Zo was er een jongen die hij heeft mogen dopen. In de cel hoorde hij via de televisie het evangelie. Hij kwam tot geloof. De justitiepredikant mocht hem verder begeleiden. Dat is niet de verdienste van dominee Jos. ,,Er zijn in zijn leven kraaltjes geregen - ook door mij - maar God heeft er uiteindelijk een ketting van gemaakt.''
--------------------
Jos Aarnoudse
Geboren op 19 april 1956
1974-1991 studie theologie in Utrecht en Apeldoorn
1984-1988 predikant Christelijke Gereformeerde Kerk Sassenheim
1988-1994 industriepredikant Botlek-Europoort
1994-2001 predikant Christelijke Gereformeerde Kerk Hillegom (deeltijd)
1994-1995 industriepredikant Botlek-Europoort (deeltijd)
1995-2005 justitiepredikant Scheveningen (deeltijd)
2001-heden geestelijk verzorger GGZ-instelling in Bennebroek (deeltijd)
2005-heden justitiepredikant Zoetermeer (deeltijd)
Mei 2007 overgang naar Protestantse Kerk in Nederland
(ned.dagblad 08-08-07)






